|
Bolsterturfs natuur B o l s t e r t u r f s n a t u u r Dagdroom van groen en vrouw Op de hei zag en hoorde ik leeuwerikjes. Een stuk of tien klommen er de lichtbewolkte winterhemel in en tierelierden daar dat het een lieve lust was. Op de weilanden zitten her en der weer kieviten. En zwevend boven hei en vennen liet een wulp, voor 't eerst dit voorjaar, zijn jubelzang horen. Fox Erpel vond een afgezaagde reepoot en wat ingewanden. Toch zo jammer, dat er jagers en stropers zijn die reeën afschieten en ze met strikken vangen. Geen dier is mooier, ranker en sierlijker dan een rekke. Elke dag dat ik in het veld ben geniet ik: van de rust en stilte, van het wild en de vogels en van de bomen en struiken. Van planten en vooral van onkruid ook. Weet je, de bloemen van onkruid zijn niet minder mooi dan die van huis-, tuin en keukenplanten. Hoe mooiklein bij voorbeeld zijn de witte bloempjes van het wild viooltje! En wat te denken van klaprozen en korenbloemen? Toch hebben beuken en eiken niet het mooiste groen. Het groen van jonge berken en lariksen is het allermooiste groen: zo teergroen, zo zachtgroen, ja, zo zacht ook die blaadjes en jonge naaldjes, naaldjes en blaadjes zo zacht als de blanke huid van een vrouw die heel de winter niet in de zon kon zijn. Ja, en dat groen doet me nu - in dit dom kantoor - ook even denken aan die vrouw met tere blanke huid die poseert tussen al dat groen. De lentezon tovert schaduw van takkenwirwar en jeugdig bladgroen op haar lijf. ... Ach, ik met mijn flauwekul, de huid van een blanke vrouw zal niet zachter zijn dan die van een zwarte vrouw... Bolsterturf, 16 maart 2004
|