|
Bolsterturfs natuur B o l s t e r t u r f s n a t u u r Borsten in zachtblauw truitje Beeldspraak - Stijlfiguren Distanzstellung Waarom voelde ik me betrapt door de oude moeder toen ik naar de borsten - ze waren groot maar zaten warm verborgen onder 'n zachtblauw truitje dat, o wonder, niet vloekte met het jeugdig frisgroen van jonge berkenopslag links langs 't pad - van haar lieve en mooie dochter met sproetengezichtje en wonderlijk grote wat scheelziende blauwe ogen met wie ze op deze stille lentenamiddag uit wandelen mocht door dit bos met gemengde begroeiing, links de berkjes, lijsterbes en bramenwirwar met daarin vinken en mezen druk doende en rechts de oude donkergroene, dichte dennen en uitbottende eiken en beuken en daar tussen her en der de dode stammen met daarin door bonte, zwarte en groene spechten uitgehakte holen, ronde en ovale gaten waarin over een dikke maand het spechtenkroost weer zal piepen en bedelen om vliegen, wormen, kevers en larven, dat donkere bos nabij de grote stille, op een mooie voorjaarsdag als deze al in warm zonlicht badende, maar nog lang niet bloeiende en dus nog grauwbruine, heide, keek? Preteritio Ik wil het hebben over de dochter, niet over haar moeder en zeker niet over een truitje, maar zij, de jonge vrouw, vertelde me dat het van wol was en door haar zelf gehaakt. ''Kijk,'' zei ze, terwijl ze 't met beide handen strak trok, ''de knoopjes eraan zijn mooi klein en wit, hemdsknoopjes van een oud hemd van m'n ex die wel eens vergat dat hij getrouwd was.'' Polysyndeton en Asyndeton De jonge vrouw lachte met open mond - een warm en gul en gretig gat tussen dikke, volle, rode lippen - en haar grote, lichtblauwe ogen, zo olijk, vrolijk, blij en Bolsterturf keken naar 't scheen aan mij voorbij. Proleps Een vlaamse gaai begon te schelden. Ik zag de vogel niet. Ik had alleen maar oog voor de jonge vrouw. Haar ogen - ze waren groot en blauw en Bolsterturf en keken zo scheel naar me dat ik dacht: 'zij ziet me niet!' en haar borsten, die zaten zichtbaar verborgen, want verleidelijk, verlokkend, allerbolst in de roze bra onder 't grof gehaakt, zachtblauw truitje. Litotes Deze niet lelijke vrouw met niet onknap gezicht en niet kleine borsten, nee, lelijk vond ik haar niet, wel lief en leuk en sexy, een Rubensvrouw de niet geringe zonde waard. Retorische vraag zaterdag, 7 augustus 2004 Ik fietste alsmaar voort, school in vogelhutten, maar werd toch zeiknat, en ik droomde: van Zonneflirt, Klaproos en Heidescheeltje. Bolsterturf
|