<<<<<<<<<<<<<< Home >>>>>>>>>>>>>>
Stukjes tekst, video's en foto's van bos, hei en waterkant; over grasduinen en struinen in natuur en veld, over zon en wind en buiten zijn
IntroHoofdpaginaInhoudsopgaveNatuurdagboekRecentVideoHoogzitten en jachthuttenMuziekGedichtenOver bolsterturf en Bolsterturf

Bolsterturfs natuur

B o l s t e r t u r f s  n a t u u r

Dagboek januari 2007

649
Met Nieuwjaar vanuit chalet honderd meter verre bosrandrikken onder klote prikkeldraad op foto

Tot na enen in de nacht
- dan weer regen, dan weer maan -
was er aan de parkpoort champagne.
Ook mooi sier- en knalvuurwerk.
Tot na vier in 't chalet nog meer te drinken.

Om één uur in Nieuwjaarsmiddag
maak jij me wakker,
staan ze voorbij wei en kamerruiten
onder 't prikkeldraad:
twee rikken, oudere geit en smalree.

♀ Moeder en kalf?
♂ Dan is 't kalf al best groot, eerder smalree dan kalf.
♀ Smalree?
♂ Da's een vrouwelijk kalf van het vorige jaar.
♀ Wat zeg je dat toch raar.
♂ Raar? Hoezo?
♀ Nou, dit jaar is nog geen dag oud.
♂ Zo noemen jagers een overjarige reegeit nou eenmaal.
♀ Ja, stil maar, ik begrijp je wel.
♂ Zo mooi hun schortjes, de sikjes onder 't staartje.
Een bok heeft zo'n sikje niet...
Maar waar is hier de bok?
Waarom komt hij niet ook laveien?
Jij zag er vorige week donderdag toch vier?
♀ Ja, maar toen kwam jij je bed niet uit.
♂ 'Nee, toen niet... Het is koud hier.
♀ Vind je omdat je niks aan hebt, hihihi.

Bolsterturf, maandag 1 januari 2007

649a
Kerstboom verhuisd van chaletkamer naar chalettuin

Na 't rikken kijken mocht de kerstboom chalet uit.
Nu staat hij - manshoge fijnspar met grote kluit,
voor vijf euro van keuterboer gekocht -
zonder bellen, engeltjes en ballen
en nepfazant in top
weer gewoon groene naaldboom te wezen,
achter 't schuurtje voor 't chalet.
In de tuin kon ik 'm niet zetten.
Die moet eerst diep gespit, wat nog niet kon gebeuren
vanwege de alsmaar regens van de laatste maanden.

Na de kerstboom verhuisden uit oude campingtuin
ook zes conifeertjes, één bamboe, acht kruiden
- bieslook, tijm, citroenkruid, marjolein, salie, koriander, rozemarijn, citroenmelisse -
en een tiental kleine heesters,
naar palissadebakken grijs aan rand van zwart trommelsteen chaletterras.
Acht bakken moeten nog gevuld,
met nog meer kruid en met hei en zonnedauw.

Heel fijn!
Samen boompjes, kruiden en planten verzetten.
Eerst het uitgraven, compleet met flinke kluit,
en dan daarna het weer plaatsen,
met je voeten en je knuisten koude, zwarte aarde aanstampen.

Bolsterturf, maandag1 januari 2007

650
Kwartiertje regenrakken in natuurparkbosselke één minuut van chalet

"Ja, toe maar Ep. Vrij! Je mag een kwartiertje jakkeren."
Terwijl Erpel rakte en achtereenvolgens haas, konijn, houtsnip en fazanthaan opdeed, dacht ik wat over het werkwoord opdoen , verzon ik dat mensen inspiratie, kennis en ervaring opdoen maar honden beter zijn in wild opdoen.

Ik kan er echt nix aan doen. Telkens als Erpel iets opdoet, doet mijn hart sneller bom bom bom. Ach, vandaag floot ik hem maar één keer terug: 't konijn dook meteen ondergronds en snippen en fazanten kunnen vliegen.

Het haas liep hard, ontiegelijk hard. Zou Ep het gevangen hebben??

Van puur chagrijn om de lange winter, de regen, mijn langzaamheid, mijn vergeten en mijn zoveel niet weten, fotografeerde ik vlug geeloranje zwam. Geeloranje, kleur die me aan terraskachelvuur - niet kwijt geraakte zoete herinnering - doet denken, waarna mijn verwondering om in maand tijd niet smettelozer geworden schimmelwit op rottende knoest.
"Kwartier is om. Kom Ep! We doen op huis aan!"

Bolsterturf, dinsdag 2 januari 2007

651
Moordenaar of moordenaars? Havik en/of sperwer?

Soms komen flarden gedicht zo maar weer in me te voorschijn. Altijd als ik verenhoopjes vind, herinner ik me een gedichtje dat ik ooit - jongen was ik toen, jaar of zestien - in een tijdschrift Wild und Hund las. Wie dit vers schreef, weet ik niet meer. En of ik alle woorden me goed herinner, en of onderstaande interpunctie goed is? Ook dat weet ik niet meer. Ik kan het gedicht nergens terug vinden. Iets waarvan ik baal.

Der Habicht

Es haust im finstern Walde ein Habicht grimm und grau.
Er schont kein Tier der Halde, kein Vöglein auf der Au.
Und was er sinnt ist Schrecken, und was er blickt ist Wut.
Habt ihm sein Weib erschossen, zerschlagen stets die Brut.
Kennt nur noch wildes Jagen und Rache peitscht sein Blut.

Mir unbekannter Dichter

Zo droef! In natuurparkbos een slordig hoopje veertjes op blad en naalden. Donsveertjes veelal, maar ook slagpennetjes met ietsepietsie bruin. Wat verderop ligt een grotere verenkring: blauw-en-witte verenwirwar. Met zekerheid wat over bleef van een houtduif.
Wie moordde hier? Wie greep het kleine vogeltje? Wie ving en doodde de houtduif? Pakte mansperwer het klein? Was het een roodborstje? Of misschien een winterkoninkje? Ving vrouwhavik de duif? Dat zou best kunnen, want een havik is groter dan een sperwer en bij alle roofvogels is het vrouwtje ongeveer een derde groter dan het mannetje.
Ik weet het gewoon niet. Misschien vindt een vrouwsperwer een woudduif niet te groot en een havikvrouw een roodborst niet te min om op te eten.

Zo raar! Ik keek daarnet met m'n ogen dicht naar de monitor en zag alle getrouwde mannen een derde kleiner dan hun vrouwen.

Bolsterturf, woensdag 3 januari 2007

652
Zachte winter, natte winter, klote winter

Gisteravond tien voor half acht via omweg binnendoor naar het werk rijdend, keek een rikke in de koplichten van m'n auto. Mooie grote geit. Mooie grote ogen. Ze wachtte niet toen ik stopte; ze draaide zich om en rende akkerland op. Vannacht net na twaalven afgewerkt - alsof ik me kapot moet werken, zocht ik met groot licht naar haar. Tuurlijk was ze er toen niet. En nu is het negen uur in de morgen, ben ik al twee uur wakker en op. Ik wou met Erpel naar Broekkant rijden om haar te zoeken, maar het regent alsmaar dat het giet. Zachte winter, natte winter, klote winter, echt een winter om veel en lang te slapen. ZZZZZzzzzzzzzzzzzz...

Bolsterturf, donderdag 4 januari 2007

653
Erpel ontbijt doodgereden haas

Binnendoor op weg van werk naar huis ligt 's morgens om paar mins voor negen een doodgereden haas op de rijweg. Ik stop, stap uit en raap op. Het naar schatting driekwart jaar jonge moertje is nog warm. Hazenziekte, bunzing, vos, kraai en havik kregen haar niet te pakken. Jagers met geweren ook niet. De een of andere gehaaste ambtenaar, jurist of kantoorklerk of zo, man in snelle auto binnendoor op weg naar zijn werk, zal haar dood gereden hebben.
Mooi moerhaas. Ze is nog helemaal niet stijf. En heur ogen lijken niet gebroken. Voor alle zekerheid geef ik d'r een klap in de nek, net achter de zwartgepunte oren. Dan gaat ze de koffer in.
Ja, het is een ramp! Ondanks borden 60 en drempels en sluizen, wordt vooral op stille binnenwegen door haastigerds te hard gereden. Waar het naar eigen goeddunken kan, scheurt men als een gek. Geen agent van politie die er op let.
Chalet gekomen trakteer ik Erpel. Die weet weg met een haas! Ik gun het hem van harte.

Bolsterturf, vrijdag 5 januari 2007

654
Bolleke in nood

Vijf uur in de morgen: "Mrrrrauwwwwwwww!!" Kattenkrijs buiten?! Gaat door merg en been. Erpel vliegt overeind en 't bed af, gaat tekeer als een oordeel, sprint tegen de deur aan, rent gangetje uit, woonkamer in, om vervolgens tegen de schuifpui hoog te gaan.
Ook jij schrikt wakker. "'t Is Bolleke!" roep je, "vlug! Ga helpen met Ep!"
"Klote kater!" mopper ik het bed uit. De pui nauwelijks open geschoven, schiet Erpel naar buiten, terras over, chalethoek om. Dan doodse stilte.
"Is hij er al?" vraag jij.
"Nee!"
"Nou zeg! Grauw niet zo!" roep je terug.
"Ik grauw helemaal niet!... Ah, hier zijn ze."
Op hun gemakje komen ze de hoek om, Erpel en Bolleke. Ik laat ze binnen. Te laat zie ik dat ze bloeden en onder de modder zitten. Nou ja, om kort te gaan: terwijl jij Bollekes kop dept, mag ik Erpel schoon wassen. Handdoeken en water kleuren rood.
"Eppie bloedt ook flink. Heeft grote schram over kop en rug".
"Van die andere kater?"
"Nee, ik denk van prikkeldraad. Een kat kan zo erg niet krabben... Had Bolsterturf dan ook niet buiten gelaten!"
"Nou ja zeg! jìj liet hem buiten, niet ik!"
"Nietes!"
"Welles! Zijn hele kop ligt open!"
"O ja? Nou, z'n eigen schuld toch? Moet i 's nachts maar thuis blijven."
"Kom me 'ns helpen. Hij blijft niet stil zitten."
"Klote kat ook! Ik zet 'm weer buiten."
"Ik zal jou buiten zetten als je zo zeurt."
"Zo zeurt?"
"Kijk! dit achterpootje ligt hier open."
"Valt wel mee."
"Valt helemaal niet mee! Doe niet zo ruw! Nee! Niet zó doen! Zet jij poezemand en kattebak maar liever in het berghok. Zo kan i niet in de kamer blijven... 't Blijft bloeden."
Om kwart over zes mocht ik weer naar bed.

Bolsterturf, zaterdag 6 januari 2007

655
Reeën en vogels vanuit chalet

Een zonneloze grauwgroene winterdag. Ik sta voor het raam en kijk naar buiten. Zie twee reeën. Door de kijker zijn het de rikken van Nieuwjaarsdag. Deze rikken, moeder en dochter, blijven maar even. Ze wandelen bosrand uit, bos in. Jammer, maar niet erg want 'mijn' vogels zijn er nog. Terwijl voorbij terrasruit een brede streep kollen - minstens vijftig - van over chalet oostwaarts babbelt en blauwe duiven over wei in eiken vallen, fotografeer ik een brutale roodborst, een paartje vinken binnen groep van dikke dertig, alsmede een vanmiddag allene groene spechtenman. Deze specht inspecteert paar keer per dag, soms samen met z'n vrouwtje, de bomen langs wei en prikkeldraad. Drie zwarte kraaien in de wei, wat boomkruipertjes aan dennestam en een koolmees in spar mislukken: glas kan hinderlijk spiegelen en kozijnen en zo zijn niet fotogeniek. En waarom stelt m'n cameraatje zo vaak scherp op stammen en takken? Een gaai die even landt op netje pindanootjes is me te vlug af. Die blijkt paar uur later bewogen foto. Maar dan blaft Erpel blij en is er opeens Martijn, vergeet ik vogels en reeën.

Bolsterturf, zondag 7 januari 2007

656
Klaar met pissen gaan we vlug weer naar binnen en naar bed

Kwart over vijf. Harde westwind, striemende regen, driekwart maan en jagende wolken, paar sterren maar. In oost en west licht in de lucht, alsof beetje noorderlicht, maar naar 't noorden en 't zuiden toe egaal donkere hemel boven zwarte bossen. De wind huilt boos, over wei en door kreunende en piepende dennen. Erpel kiest voor dikke eik. Uit mijn boom, ook een eik, kleppen blauwe duiven - grijs tegen 't oosten - weg. Het duiveblauw kan ik niet zien. Witte nekringen en witte vleugelspiegels ook niet. Toch weet ik stellig dat ik houtduiven, geen andere vogels, wakker maakte. Klaar met pissen gaan we vlug weer naar binnen en naar bed.

Bolsterturf, maandag 8 januari 2007

656a
Na schemerrikke knippen in 't laatste daglicht even nog met Erpel eruit

Opeens was ze er, zag ik haar staan, jonge rikke in vroegschemer. Op grens van bos en wei stond ze, zowat onder de prikkeldraad. Een minuutje maar bleef ze. Lang genoeg om een paar verre foto's van haar te maken, om haar te vangen in optisch en digitaal zoom.

Nadat de jonge geit het bos was ingelopen, bleef ik nog zitten op de tweezitsbank. Vaak komen reeën zomaar terug. Vanavond dus niet, maar televisie trekt zich niets aan van reegedrag. Televisie heb je altijd. Dat blijft maar drammen als je 't klote ding niet uitzet. Ik keek naar beursberichten, nieuws en klootreclame.
"Kom Ep, gaan we nog ff langs de draad? Krijg je straks 'n hazepoot."
"Wef wef wef!!"

't Was fijn lopen langs de prikkeldraad tussen bos en wei, want nauwelijks nog wind en warmer dan vanmorgen. Gelukkig geen regen meer. En weer rakte Ep achter een konijn. En weer spatten uit de parkbosbomen blauwe duiven weg, al met al minstens een dikke veertig.
"Die blauwen balen nu Ep, ze wouen net gaan slapen."
"Pfffttt! Wrefff??"
"Ja kom maar, we gaan terug, krijg je haas."
"Wef wef wef!! Wef?"
"Haas!!"
"Wef wef wef wef wef wef wef wefff wefff wrefff??"
"Stil nu!... Er worden toch zo veel hazen dood gereden."
"Wef?"
"Deze is goed kapot. Was mooie rammelaar. Z'n darmen sliertten uit z'n lijf."
"Wef? Wreffff??"
"Ja, kom maar, rennen we terug."

Erpel is dol op haas. Vindt i lekkerder dan konijn. Terwijl ik douchte, genoot hij de poot. Buiten voor 't chalet. Een heel haas krijgt hij niet meer van me. Da's te veel voor hem in ene keer. Hij vreet een haas helemaal op, met ogen, oren, ingewanden, huid en haar. Niks blijft over. Dat wel. Maar ja, nadien kitst hij dan de helft weer uit. En onder andere Bolleke is daar vies van.

Bolsterturf, maandag 8 januari 2007

657
Voor 't werken gaan nog even langs de draad

Moe van vergaderen, auto rijden, lezen en roodborst, mezen en vinken kijken, wandelde ik voor donker, avondeten en werken nog even met Erpel langs de prikkeldraad tussen bos en wei. Halve kilometer heen; halve kilometer terug. Nou ja, wandelde? Ik wandelde alleen. Erpel rakt en racet liever rontelom, die houdt niet van wandelen. Als zowat altijd waren we weer alleen, Erpel en ik.

Vanmorgen was er ook een vrouw met rode jas aan in 't parkbos. Die liet haar Duitse herdershond uit. Oudere vrouw al. Jaar of vijfenzeventig ongeveer, zo te zien van veraf. De moeder of schoonmoeder van de campingbeheerder? Ik weet niet of die een herdershond hebben. Maakt ook niet uit. Ik hoef het parkbos niet alleen voor Erpel en mij. Nog zo ontiegelijk veel meer bos in de buurt. Maar dat rood van haar jas, dat rood vloekte toch zo tussen het dennen- en sparrengroen. En haar herder speurde duidelijk. Vanmorgen zagen Ep en ik dan ook geen wild in 't bos. Alleen maar kleine vogeltjes en blauwe duiven. En boven wei ganzen, zwarte kraaien en een buizerd met veel wit.

Vanavond in vroegschemer kregen Erpel en ik ook geen ree, konijn of haas in 't oog. Wel een henfazant. Maar net toen ik genoot van 't op de vleugels gaan van het hoen, kwamen er twee choppers aangelawaait, donkere wentelwieken die het vleugelgeruis van de hen overronkten. Ik baalde daar van, van de klere herrie, wenste weer eens dat er nooit motoren waren uitgevonden. Wat mij betreft, had het uitvinden moeten stoppen met de uitvinding van wiel, ketting en zeil. Als je alles te voet moet doen, zie je te weinig van de wereld. Kan je fietsen en zeilen, kan je overal komen. En dat dan zonder herrie te maken, zonder de kans te hebben om uit de lucht te vallen en zonder mensen of dieren dood te rijden. Nou ja, als je in een ravijn fietst val je ook diep, en als je bootje zinkt in zee verdrink je. Is niet anders, maar het waait flink. Ik rij zo toch maar in m'n pindaatje naar het werk.

Bolsterturf, dinsdag 9 januari 2007

658
Port in bed: zo lekker

Ik zou met Erpel struinen door de bossen. Ik wou hazen met hem jagen, ook vossen speuren en reewissels volgen, maar 't begon te donderen en te bliksemen en ook ontiegelijk te gieten. Het park nog niet af, renden we terug naar huis. Met zulk weer blijf je beter binnen en ga je aan de zuip en aan de vreet, smaken gedroogde varkensoren en vurige rode port.

Toen de fles bijna leeg was en het laatste oor aan de beurt, was er voor ons twee het door 't vrouwtje opgemaakte bed.

Bolsterturf, woensdag 10 januari 2007

659
Erpel vreet in storm en regen hazepoot

Woeste wind zwiept door kale bomen en giert over groene wei, maar Erpel schooide toch om hazepoot. Ik haastte me naar de schuur, paar passen maar, rende vervolgens met een achterloper door wind en regen over het terras. Ik smeet de poot op grens van tuin en wei en rende terug, chalet weer in. Nu kijk ik door het raam en is het Erpels beurt om buiten te toeven. In plensregen en storm vreet hij, gulzig maar bedaard, alsof in liefelijke zomerdag, de hazepoot.

Bolsterturf, donderdag 11 januari 2007

660
In winter- alsof lentewind

In winter- alsof lentewind
rennen vijf reeën gezwind.
Ik ben te langzaam, heb niet opgelet.
Vier rennen sneller dan m'n camera is aangezet.

In winter- alsof lentewind
dikke twintig gezonde witte schapen.
Nieuwsgierig staan ze naar me te gapen.
Onnozel voer voor slager, mohammedaan en dierenvrind.

In winter- alsof lentewind
staan en liggen ze: te fotograferen runderen. Ik leg Fox af,
beveel: "Fox hier! Hoog! Bank! Afffff!"
Stieren en koeien zijn honden niet welgezind.

In winter- alsof lentewind
staart een zwarte koe - alsof versteend,
zo roereloos - over ven en eend.
Mij is ze goed-, Erpel kwaadgezind.

In winter- alsof lentewind
zwemmen wilde eenden eensgezind
wèg van lens en klik. Ik richt op overmaat aan wit en groene kop.
Wit zit niet in de regenboog, valt ontiegelijk op.
 

In winter- alsof lentewind
vissen brilduikertjes in diep verboden ven.
Gaat Erpel voor de lens staan. Hij is m'n boezemvrind,
dus geeft niks, en ach, de duikertjes zijn onder of te ver.

In winter- alsof lentewind
sprint na duidelijk handgebaar na "Afff!"
 - als was hij hazewind -
Fox over venoever rap op me af.

In winter- alsof lentewind
- januariwindje fluist'rend door elzentakjes -
geniet ik felgroene wei en zachter groene katjes,
maar 't meest van Fox, m'n trouwe vrind.

Bolsterturf, vrijdag 12 januari 2007

661
Januariboswandeling in alsof lentezaterdagmiddag

Januariboswandeling in alsof lentezaterdagmiddag. In veel weiden koeien en schapen. Rontelom vogeltjes actief. Een torenvalkje jaagt boven randwei, bidt om de haverklap, laat zich vallen in slootruigte. Ginds hoog sliert een streep ganzen en op het grootst verboden ven chatten geile wilde eenden. Ik stoot een houtsnip op. Erpel jakkert een paar meter achter een ree, wat verder achter een haas, komt beide keren op mijn fluiten terug. Dan geknetter: twee opgeschoten jongens racen op brommers naar de vogelhut. Om bier te gaan drinken en jointjes te roken? Het is echt wel een rotzooi in en bij de hut. Ach, ze doen maar. Ik ben geen agent van politie. En wat kan het mij verdommen? Nix!! Willen ze hun lijf en geest verpesten en naar de kloten gaan, doen ze dat maar. Het Schotse vee graast vredig. Erpel rent door 't hoog venoevergras. Zijn de bruine vogeltjes die hij doet opvliegen leeuwerikjes? Leeuweriken zingen, nee jubelen. Nee, tuurlijk zijn het geen leeuwerikjes? Dan graspiepertjes? Het is wel warm voor de tijd van 't jaar, maar toch echt te kou voor pieperzang en leeuwerikenjubel. Ik verlang naar port, zwemmen, schaatsen en speursneeuw.

Bolsterturf, zaterdag 13 januari 2007

662
Erpel rakt en rolt en graaft en vecht en zwemt en snoept

Samen wandelen, altijd fijn! Samen wandelen in droge alsof april januaridag, heel fijn! En samen babbelen tijdens 't wandelen: ook fijn, kan erg gezellig zijn. Maar bosdieren hebben grote oren. Terwijl jij het pad over vertelde, zag ik vier reeën rap door lang gras bewegen. Even bleven ze staan, keken ze achterom naar jou en mij, waarna ze sparretjesdonkerte toe liepen.
De reeën waren te ver om ze goed op foto te kunnen zetten, want alle begroeiing zo geel en groen en bruin en donker tussen de stammen en stammetjes. Bovendien is reewild in de winter schutkleurbruin, door de zoeker echt moeilijk te vinden in lang bruin gras. En tachtig meter ongeveer, is als je geen statief bij je hebt en schaduw, bomen, struiken en grassen in de weg zijn toch best ver voor een olympus c765 ultra zoom. Ja, mijn camera is maar een cameraatje. Ik hou er niet van om een joekel van een fototoestel mee te moeten sjouwen, en 'k heb ook haast nooit een verrekijker bij me. Te lastig om mee te dragen en zo zwaar aan 't riempje om je nek. Jij had wel je kijker mee genomen.
"Het zijn er vier," zei je, "maar ik hoop dat ze zich morgen weer beter meldt."
"Ja, maar te ver om foto van ze te maken."
"Huh? O, van de reeën bedoel je?... Weet je, als ze nog langer ziek blijft... Waar is Ep?"
"Weet ik niet. Ik roep hem wel... Ep!?"
"Hij komt niet."
"Nee, dat zie ik ook wel. Erpulllll hierrr?!"
"Daar komt i al aan."
"Mooi zo... Foei!! Waar zat je weer deugniet? De reeën die je niet zag of rook zijn de andere kant op hoor."
"Doe niet zo lelijk tegen 'm. Je eigen schuld toch? Moet je maar beter opletten. Getver, je stinkt Eppie. Aaah bah!"
"Kijk, hij is op zijn rug en schouders helemaal vies... Ja Ep, je stinkt als een bange bunzing."
"Maakt hij zich vaker zo vies als jullie samen naar de bossen zijn?"
"Zelden."
"Getsie Eppie! Bah! Rollen in viezigheid. Zoiets doe je toch niet?... Zo kan i niet mee naar huis."
"Ow? Wou je 'm hier achter laten dan?"
"Sjonge zeg, wat ben je weer gezellig... Wat voor dood dier zou het wezen?"
"Kan van alles zijn. Ree of haas of konijn, denk ik. Kom, gaan we langs het eilandjesven. Gooi ik straks stokken in het water. Rent en zwemt hij zich wel schoon."
Onderweg naar het ven groef Erpel flink naar muizen en joeg hij twee konijnen onder takkenhoop vandaan. Daarna ging het ff helemaal mis. Opeens waren er een meneer en mevrouw met een beetje maar groter dan Erpel ook onaangelijnde zwarte hond. Die reu en Erpel botsten. Opeens grommen en grauwen en vechten en bijten, en toen de meneer en ik ze uit elkaar getrokken hadden, stonken niet alleen de honden naar half vergaan dood dier.
"Toch wel aardige mensen. Ze waren niet boos. Zijn oor bloedt."
"Ja, zitten een paar gaatjes en een scheurtje in, maar geeft niet, het praten niet waard.... Kijk maar."
"Nou ik doe er straks thuis toch maar jodium op. Toch gek dat Eppie graag in viezigheid rolt."
"Nou viezigheid? Is gewoon niet begraven dood dier. Kan best een dode gans of reiger of andere vogel zijn. Vooral reigers kunnen ontiegelijk stinken."
"Getsie!... Hou er nu maar over op. Weet je, mijn nieuwe baas vindt dat ik..."
"Jaaaaaaaaa, hier is het ven al! Kom op Ep! Vooruit! Zwemmennn!"
Vijf keer slingerde ik een kwart vergane tak ver het water in. Vaak genoeg om Erpel schoon te krijgen. Vijf keer zwom hij heen en terug, vijf keer bracht hij me de stok; de vijfde keer mocht hij hem houden, liep hij er een poosje trots mee rond, om daarna het ding te verliezen en weer te gaan muizen.
"Nee Ep! Foei!" mopperde je lief, "niet meer graven nu, ben je straks weer vies. Kom, mag je bij het vrouwtje aan de lijn."
Chalet gekomen moest Erpel alsnog van je in bad, wat hij niet fijn vond. Ik ging intussen met de harde bezem ons terras nog 'ns met geel zand inwassen. Maar daarna, na terras inwassen en na Eps bad en afdrogen - zijn oor bloedde al niet meer, kwamen er twee rikken, in schemerdonker nog goed te zien door jouw lichtsterke 7 x 50, de wei tussen kamer en bos op. Terwijl ik deze reeën bestudeerde, kwam je met toastjes waarop boursin en roche baron, en ook met een fles droge Kaapse Roos.
Ep blieft geen wijn en van de toastjes en boursin en blauwaderkaas kreeg hij heel weinig, maar voor hem waren er, terwijl ik braaf luisterde naar het door je nog niet af vertelde werkvloerverhaal, een pensstaaf en een varkensoor.

Bolsterturf, zondag 14 januari 2007

663
Tweebenige konijnenjagers in driehoekje recreatiebos

Jagers begeven zich van de ene konijnenbouw naar de andere

Waar zijn de jagers met geweer?

Een driehoekje bos. Een driehoekje met bomen en struiken en konijnenholen; een ruig driehoekje de oppervlakte van nog geen twee voetbalvelden; een mooi driehoekje ingeklemd tussen een autobedrijf aan huis, een wei met aan de overkant daarvan honderd meter lange varkensschuur, alsmede - de derde zijde van de driehoek - een recreatiepark met caravans, chalets en zomerhuisjes. In dit anders altijd zo rustige driehoekje mooie natuur, knalt het in de middag van vijftien januari 2007. Tussen twee en vijf in de middag zijn er vijf jagers aan het jagen, jagers met geweren, hond en fret. Vier gewapende mannen posteren zich rond een konijnenbouw. Hun hagelgeweren schietklaar in de handen. Hond Nimrod gaf aan, dat er konijnen thuis zijn. De vijfde jager zet heel stilletjes zijn fret voor een konijnenpijp. Het gele bunzingbeestje snuffelt even rontelom, gaat dan de pijp in. Na maar klein poosje schieten er konijnen uit de andere pijpen. Op hun beurt schieten ook de jagers. Die schieten met loden hagelkorreltjes op de konijnen. Meestal mis, de vlug geworpen schoten. Niet erg, vind ik. Dat de mannen vaak mis schoten niet. Wel erg is als een konijn niet dodelijk geraakt wordt, als het ziek geschoten wordt. Maar nu is Nimrod weer aan zet. Nimrod, hij speurt zo goed, hij wijst de bouw aan waarin minstens één konijn vluchtte. En dan herhaalt het spelletje zich. Een paar uur lang is het kat en muisspel, nee, geweerdrager en konijnspel in dit driehoekje bos en ruigte.

Moeten alle konijnen dood? Waarom? Wildschade? Konijnenschade? In dit stukje natuur kan er echt geen sprake zijn van wildschade. En hoeven konijnen geen faire kans om te ontkomen aan de hageldood? Ik zei tegen deze mannen, tegen deze jagers: "Als de konijnen terug zouden kunnen schieten, zouden jullie niet op ze jagen," waarop ze antwoordden voor dit op konijnen jagen fors te moeten betalen.

Ik kan deze konijnenjacht niet verhinderen, want ik ben niet de grondeigenaar of -beheerder en de jagers pachten dus - naar ze me vertelden - het genot van de plezierjacht in dit driehoekje mooie Brabantse natuur. Bovendien hebben de heren een jachtakte. Om die te krijgen, leerden ze wat jachttheorie en moesten ze met goed gevolg een schietexamen afleggen, schoten ze op kleiduiven en op namaak hazen op rolletjes over rails. Toch schoten ze vanmiddag meestal mis. Bij mijn weten - ik lette op afstand goed op - troffen ze maar een paar konijnen dodelijk, bemachtigden ze er hooguit drie. Hoeveel ze er raakten? Dat weet ik niet. Ik denk veel meer dan drie.

Blijft mij, samen met veel andere natuur- en dierenminnaars, niets anders over dan me te ergeren aan de door sommigen met wrede passie zo graag uitgeoefende plezierjacht.

Bolsterturf, maandag 15 januari 2007

664
Waar gisteren jagers fretteerden, vindt Erpel een dood konijn

In driehoekje bos waar gisteren vijf jagers fretteerden, vond Erpel vanmiddag een dood konijn. Dit beestje was niet warm meer, maar ook nog niet lang dood. Vos, kat, bunzing, buizerd, kraai of ekster vrat of pikte het niet aan. Op een beschadigd linkeroog na, was het helemaal gaaf.

Werd dit konijn gisteren door een jager geraakt, vol loden hagelkorrels geschoten en kon het nog kleine honderd meter wegkomen?

Ik prees Erpel uitbundig en zette hem met konijn en bloeiende els op foto. Daarna mocht hij het dode beestje chalet toe dragen, wat hij trots deed.

         

Vijf uur in de avond. Terwijl tegen schemer en in motregen Erpel een konijnebil verslindt, scharrelen aan overkant van chalettuin en wei, op dikke honderd meter afstand, drie reeën in boskant. Terwijl ik door m'n telescoop naar twee rikken en een bok zonder geweitje kijk, doen tussen ruit en reeën zwarte kraaien zich tegoed aan het door Erpel gevonden konijn min linkse achterpoot.

Bolsterturf, dinsdag 16 januari 2007

665
Vrouw komt zo thuis en vanavond als ik werken ga zal ik misschien me te veel mensen zien

Herfstwinter 2007 . Zowat alle dagen klote weer met regen en wind. Niks geen sneeuw of vorst. Als ik opsta om half twaalf, hippen twee eksters over het tennisveldje achter het chalet en lopen drie zwarte kraaien door de wei ervoor. Verder fladdert dan een groene specht het voor midwinter te groene gras tussen bos en bos over. Zo mooi golvend, zijn spechtenvlucht.

Erpel uitlatend in driehoekje bos, mauwt boven me een buizerd die 'k nergens zie. Wind en regen nemen toe, worden heviger. Ik zou naar de bleke bossen, bedenk me en keer, park nog niet af, om. Erpel afgedroogd en zelf een uur in bad gelegen, draai ik de kamerthermostaat op 19,5.

Bank hangend kijk ik door regendroppenruiten naar vogelhuisje, vogels, wei en bos. In kou en gure nattigheid hangt een kuifmeesje aan een pindasnoer en m'n toompje vinken - ik strooi om de dag beetje gemengd zaad voor ze - snoept tussen modder en plas.

Nu ik dit type, kwart over vier in buiten regennatte middag, heb ik vandaag nog geen mens gezien. Geeft niet, zo ben ik gelukkig en tevree.

Vrouw komt zo thuis en vanavond als ik werken ga, zal ik misschien me te veel mensen zien.

         

Tegen vijf uur, als het even minder hard regent en ik daarom vlug Erpel uitlaat, zie ik m'n eerste mens van de dag, een jonge boer die met zijn zwarte hond door wei loopt. Fijner om te zien: de sperwer die met bloedgang over pad en prikkeldraad tussen bos en wei raast.

Terug chalet gekomen is vrouw en bazin thuis. Erpel heeft voor haar een kale ruggegraat, de ruggegraat van het konijn dat hij gisteren vond. Het vlees zal er door een predator (vos? bunzing?) of roofvogel (buizerd?) en kraaien (geen roof- maar zangvogels!) zijn afgepeuzeld. Dit laatste beetje konijn haalde hij toch weer uit de wei, ofschoon ik hem dat verboden had.
Zo oneerlijk: ik krijg moppers en Erpel niet.

Bolsterturf, woensdag 17 januari 2007

666
Storm over Nederland en ik op weg

Noodweer. Woeste storm over Nederland en ik op weg. De laatste vijftig jaar was ik nooit ziek, dus vanavond ook niet. Mensen die je nodig hebben, laat je niet in de steek. Vrouw, Erpel en Bolleke blijven alleen thuis. Dat wel. Die hoeven niet te gaan werken vanavond en vannacht. Door wilde regen, huilwinden en stikdonkerte rij ik binnendoor. Takken en naalden op het asfalt. Keer of zeven verspert een omgewaaide spar of den me zowat de doorgang. Halfweg de bossen rij ik me klem, op een grote spar die het teerweggetje blokkeert. Ik moet terug. De ruitenwisser veegt water en naalden. Groene takken vliegen door de lucht. Ik heb geluk. Zonder boom op mijn pinda bereik ik weer de provinciale weg. Toch nog wat personenauto's op die weg. Geen vrachtwagens. Bang voor windkracht twaalf en dikke eiken langs de hoofdweg tussen dorp en stad, rij ik zo hard mogelijk. Harder dan tachtig durf ik niet. In dit noodweer bijna weer op tijdschema, moet ik nog het laatste stuk over de dijk langs het kanaal. Windvlagen tien tot twaalf doen hun best m'n pinda het water in te blazen. Ik kan zwemmen maar ben opgelucht als ik net voor halfacht mijn collega naar me zie uitkijken. Terwijl ik parkeer, dondert met duvel en geweld een stuk dak van buurflat naar beneden.

Bij minder wind en nauwelijks nog regen, kom ik 's morgens tegen half tien thuis. Veel bomen in het park zijn omgewaaid. Een paar schuurtjes opgetild en totaal aan diggelen gekwakt. En wat chalets en zomerhuisjes licht tot zwaar beschadigd.

Vrouw is bang geweest vannacht. Niet ten onrechte, maar paar grote joekels van laurierstruiken stonden tussen chalet en zuidwester en ons schuurtje in luwte van chalet. Er waaiden alleen maar wat dakpaneeltjes van 't laatstgenoemde af.

Bolsterturf, donderdag 18 januari 2007

667
Er zijn dagen die te kort zijn. Chalet de avond en nacht na de storm

Er zijn dagen die te kort zijn. Dat zijn bij voorbeeld dagen waarop je je schuurtje moet repareren, je je door zuidwester geplaagde pas geplante boompjes recht moet duwen en je je tekort aan slaap moet goedmaken. Toch vond ik nog de tijd om in Esther - Koningin Vasthi verstoten, enzovoorts - te lezen en ook om in donker chalet en schuurtje in waterplas te digitaliseren.

Bolsterturf, vrijdag 19 januari 2007

668
Omgewaaid vogelvoederhuisje overeind gezet, vlinderstruiken herplant en nestkastjes aan schuurwand geschroefd

De storm van eergister blies ook vogelvoederhuisjes om, wat niet erg is. Zo'n voertafeltje met dakje is zo weer overeind gezet. Meer werk vergt herplanten van bomen en planten. Zo herplantte ik vandaag twee vlinderstruiken, een donkerpaars en een lichtpaars zomers bloeiende. Veel meer werk is het bevestigen van nestkastjes - in dit geval vier - aan de wanden van een houten schuurtje. Tenminste, ik kluns had met dit laatste de grootste moeite. Vooral het vastschroeven van het grootste kastje - door mijn pa gemaakt - aan de wand op 't oosten wou me maar niet lukken, maar na een dik uur in klote regen klooien wacht het nu op vogeltjes.
Eén vogelhuisje, dat bedoeld voor 'n paartje winterkoninkjes, hangt bij zorgvuldig kijken achteraf niet helemaal waterpas, maar omdat mijn vrouw me zei: "Man toch! Ik zie er niks scheefs aan... En als het al scheef is, vinden de koninkjes dat vast niet erg." laat ik het maar beetje scheef hangen.

Bolsterturf, zaterdag 20 januari 2007

669
Toch wat gedaan vandaag

Zondag. De dag des Heren. Ik sliep daarom uit. Tot één uur in de middag. Immers klote weer weer. Ja, weer harde wind en weer alsmaar regen, maar de tv-weerman vertelde weer zijn te lange weerverhaal van alledag. "Binnenkort winter!" deelde de toch echt wel saaie sukkel al zwammend over heel Europa mee. Drom - met het oog op misschien echte winter - sloot ik maar de buitenkraan af. Overal water nu rontelom 't chalet. Ik zal het buitenkraanwater voor komende zomer niet missen, denk ik. Ook liet ik drie keer Erpel uit, drie keer langs de prikkeldraad tussen wei en driehoek parkbos. Alle nog niet door jagers kapot geschoten konijnen in de driehoek bleken thuis te zijn. Dikke pech voor Erpel! Sorry, ik dwaalde af van de dag van vandaag. Verder hing ik, vandaag dus en desgevraagd door vrouw, pindasnoertjes en vetbolletjes op. Voor de vogeltjes. Tot slot strooide ik nog wat gemengd zaad rontelom 't chalet. Ook voor de vogeltjes, voor mezen, roodborstjes, goudhaantjes en winterkoninkjes en zo, en tuurlijk ook voor ons toompje vinken. Vrouw en vogeltjes beiden blij. Ach, niettegenstaande mijn luiheid en de regen en de wind, liet ik deze dag niet helemaal verloren gaan. Immers, ik verrichtte verstandige en goede daden: 'k tapte de buitenkraan af, 'k liet Erpel uit en 'k was lief voor zowel vrouw als vogeltjes.

Ben ik ziek? Ik gebruikte in bovenstaand relaasje maar liefst 12x ik alsmede 3x 'k.

Bolsterturf, zondag 21 januari 2007

670
Gebroken mooiste boom, en alsof blauw water in gewoonlijk oerig bruin slootje

Toen in fiatgarage door een kundig monteur een defecte en een nog goed licht gevende pindakoplamp waren vervangen en in zonneloze dag na drieën eindelijk de regen had opgehouden* met plenzen, reed ik met Erpel naar het sangmoeras. Daar bleek de stormschade - er woedde echt wel een boze storm vorige week donderdag - mee te vallen. Zowat alle bos- en moerasbomen stonden nog overeind. Slechts hier en daar was er eentje omver geblazen, soms een enkele door midden gebroken. Wel zonde dat de wind ook de meest mooi opvallende berk van 't moer te pakken nam.

Op het constateren van stormschade na - nou ja schade? de mens zaagde en timberjackte waar ik woon alleen al gedurende de laatste weken in de rontelomme bossen meer gezonde bomen om dan honderd stormen in honderd jaar in Nederland ombliezen! - viel er weinig te beleven in eikenbos, rietruigte en moeras. Het anders zo bruine water in de oerige sloten oogde vandaag overwegend mooi frisblauw. Twee jonge paarden draafden vrolijk door hun wei. Een donkerbruine buizerd vloog over 't onland, in elzenbosje schreeuwden wat gaaien en in het riet ritselden kleine vogeltjes. Nergens schapen meer te bekennen. Waar toch zijn de kuddes zwarte ooien en de beide witte dekrammen gebleven?

Erpel was druk met snuffelen en muizen dabben. Hij wees me waar hazen liepen, en ook de plaatsen waar reewild sliep, rustte en herkauwde. Zo jammer, er woei geen enkele hoogzit om.

* Waarom moet het zijn was opgehouden , maar hatte aufgehört ?

Bolsterturf, maandag 22 januari 2007

671
Ongezonde gezonde bomenkap rontelom januaristorm

Eindelijk beetje winter. In Zuidoost Brabant was het vannacht zes graden onder nul. Opeens witte rijp op de weiden, en het water op vennen en plassen eindelijk beetje toegevroren. Misschien over 'n paar dagen toch nog schaatspret, in deze tot gisteren toe veel te warme januari. Zal fijn zijn! Schaatspret. Ik hoop erop.

Omstreek twee in de middag lopen Erpel en ik naar de Bleke bossen. Terwijl lief winterzonnetje mijn gezicht en handen kust, krijg ik bij bosrand een alsof klap op mijn ogen. Even geloof ik ze niet, m'n ogen niet. Toch! 't Is waar! Heel de Bleke boszuidwestkant vernield! Nee! niet door de storm van donderdag. Wel door mannen met cirkelzagen en timberjacks. Zowat alle lariksen weg! Het bos ziet er niet meer uit! Is nog kaler dan het al was! Patsamme nog aan toe! Vindt het bosbeheer deze Bleke bossen nog niet bleek genoeg? Moeten dan echt van Staatsbosbeheer en Brabants Landschap alle gezonde bomen omgedaan? Waarom toch? Onze Brabantse bossen zijn al zo schamel, zo kaal en zo bleek. Bij gebrek aan bomen floreert lang geel gras. Je kijkt er op ooghoogte zo doorheen, door de bossen hier. Niet door het tot halve meter hoge lange gras.

Dikke honderd meter ver het bos in, zie ik de ruggen en konten van drie reeën op de vlucht. In het gele gras hebben ze geen poten, geen zichtbare benen. Benen dus! Waarom moet een paard benen hebben en een ree poten? Deze reeën, ze zijn zo onrustig, zo kopschuw. Niet omdat Erpel rondscharrelt. Die ruikt de reeën wel, maar ziet ze niet. Ook niet omdat er mensen in het bos wandelen, er mountainbikers crossen en er wordt paardgereden. Welnee, niet daarom. Ze zijn op de loop voor het bosbeheer. Het Brabants bosbeheer gunt reewild nergens rust. Het hele jaar door niet. Bosbeheer laat voortdurend merken, schillen, zagen, kappen en breken. Waar u en ik nog geen takje mogen plukken, vernielen boswerkers in naam van Bosbeheer met grof machinaal geweld wat bosbiotoop wordt genoemd in misleidende natuurtijdschriften als Onverwacht Nederland (van Staatsbosbeheer) en Brabants Landschap.

Na anderhalf uur struinen word ik beetje vrolijker, als ik smalle strook ochtendrijp in namiddag op foto zet. Maar dan, o bosgruwel, loop ik tegen grof aangeschild (wat kan het mij verdommen dat de dikke Van Dale het woord aanschillen niet kent!) perceel uitermate gezonde loofboompjes aan.

Bosbeheer. Gaat dat, bosbeheer dus, echt alleen maar om de euro's? Zo lang geleden dat die prof - Zijderveld heette de hooggeleerde, maar - vond ik, vind ik niet meer - onnozele man - het ook mij vroeg: is de mens van nature goed of kwaad? Toen wist ik het antwoord niet. En ook nu weet ik het niet, maar zijn mensen die mooie verhaaltjes laten schrijven in natuurtijdschriften en tegelijkertijd (geldig en betrouwbaar zuiver gelijktijdig!) bos, reewildhabitat laten vernielen omwille van de lieve centjes niet van nature kwaad?

Bolsterturf, dinsdag 23 januari 2007

672
Op de purperen hei, zomerse foto's en zomerse zang

Nu vandaag, na regen en storm en in winterkou,
is het fijn denken aan zomer, zon en hei.
Geniet ik van wat lezeres Sjan me zond:
zomerse foto's en zomerse zang.

Bolsterturf, woensdag 24 januari 2007

672a
Vanuit warme woonkamer vogeltjes in en rond vogelvoederhuisje

Vandaag heel ander weer dan gisteren. Ik kijk in een somberkoude dag. Witte rijp en witte nevel over wei tussen chalet en bos. Vanuit de warme woonkamer wens ik reewild voor de lens, maar de reeën komen het bos niet uit. Wel fotografeer ik vogels.

De vogels die het vogelvoederhuisje bezoeken, zijn erg schuw. Vooral de spechten, eksters, kraaien en gaaien gaan er al vandoor als ik binnen maar even beweeg. De blauwe houtduiven, de als mijn Erpel zo bonte eksters, de grauwe boomkruipertjes en de zwarte merelman laten zich vanmiddag helemaal niet op goed gelukte foto zetten. Maar vogelbangheid, angst voor de boze mens, kan vlug minder worden. Kwestie van veel vogelzaad strooien, vetbollen en nootjessnoeren ophangen en van kater Bolleke overdag binnen houden.

Tijdens de storm van vorige week donderdag werden de chaletruiten vuil van regen, zand en wind, maar geen tijd en geen weer om ze te wassen. Ik digitaliseer gewoon door ongewassen ruiten heen. Dat geeft ietwat minder scherpe foto's met hier en daar een vuilvlekje erop. Niet erg toch? Sjonge zeg, Erpel kan al over het ijs rontelom 't chalet en ik ben niet gek! Ik wacht liever met John Steinbecks East of Eden in de hand en bij de kachel dan buiten in de kou op vogeltjes.

Bolsterturf, woensdag 24 januari 2007

673
VHS, myxomatose en fretje vast

VHS (Viraal Haemoragisch Syndroom) , ook wel RHD (Rabbit Hemorrhagic Disease) genoemd, en myxomatose: twee op konijnen losgelaten virusziekten. Beide ziekten bereikten via onder meer Australië ons land. Ook hier gingen en gaan er heel veel konijnen aan dood, wilde en tamme konijnen. Ondanks dat dit zo is, waren er vanmiddag in driehoekje bos weer mannen met dubbelloops, hond en fret op konijnen aan het jagen. Toen ik tijdens 't Erpel uitlaten bij de jagers uitkwam - 'k had nog niet horen schieten - stonden die ongeduldig te wachten op hun fretje, een wit moertje naar ze me na een poosje vertelden.
"Goedemiddag heren. Aan het fretteren?" groette ik.
"Ja, maar m'n fretje zit vast, 't zit achter tegen een konijn aan te krabben. Ik zag grijze haren op d'r snoetje"
Ik ging erbij staan en ik keek ernaar. Fretje kwam soms vanuit de donkere konijnenbouw heel eventjes gluren aan de oppervlakte. Pakken liet ze zich niet.
Als een konijn zichzelf opsluit tussen fret en doodlopend pijpeinde, kan de fret haar inderdaad niet het hol uit jagen. Daarom opperde ik: "graven?" maar gaan graven in wirwar van boomwortels, nee, dat vonden de jagers niks. "Kunnen niet graven. Te veel boomwortels," weerlegden ze dus.
Na een half uur meewachten op Fretje, wandelden Erpel en ik verder, na mijn belofte aan de jagers - desgevraagd gedane belofte - dat ik Fretje voor 't geval ze vanmiddag niet meer bovengronds wil komen en ik haar vanavond of morgen aantref, dat ik haar dan niet zal doodmaken of houden.
Fretten vind ik mooie en lieve beestjes, minder lief maar mooier dan konijnen. En sja, ik kan het Fretje echt niet kwalijk nemen dat ze dol op konijn is. Da's mijn Erpel immers ook, dol op konijn. Toch vind ik jacht met geweer en fret op konijnen NIX, maar zie en vang ik Fretje, gaat ze dus meteen terug naar haar eigenaar.

Bolsterturf, donderdag 25 januari 2007

674
Ik ken geit noch man, zag hen nooit eerder

Onderweg, vanaf werk naar huis, binnendoor steekt tussen pinda en tegenligger een ree de weg over. De bestuurder van een tegemoet komende auto en ik remmen flink voor de geit die bijna te laat versnelt, sparrenbos induikt.

In het elkaar passeren kijken twee zomaar dom lachende mannen elkaar aan.

Ik ken geit noch man, zag hen nooit eerder.

Bolsterturf, vrijdag 26 januari 2007

675
Omdat de bosrecreant soms viespeuk is en bosbeheer liever houteuro's beurt?

Zeven witte zwanen in rechte lijn. Vrouw en ik waren met Erpel op weg naar de Bleke bossen toen ze - hoog en met voor zwanen rappe vleugelslag - overkwamen.
♀ Wat mooi! Ze vliegen naar 't zuidoosten.
♂ Ja, maar koning Winter is al weer op 't noorden aan.
♀ Jammer toch? Ik had vanmiddag graag geschaatst... Zou jij koning willen wezen?
♂ Tuurlijk, maar dan zonnekoning... Die klojo van een Willem Alexander ging op patrijzenjacht.
♀ Wat heeft dat er nou mee te maken?
♂ Nou, Willem Alexander wordt onze koning, maar het patrijs is in ons trouwen zeldzame vogel geworden.... Ach, is een waardeloze lul, onze kroonprins.
♀ Ja, misschien nog slechter dan zijn opa was, maar hou op met schelden.
♂ Sorry.

♂ Kijk! Wat mooi!
♀ Wat?
♂ De voet van deze omgewaaide dode berk. Zijn rotte voet heeft de vorm van een bloem.
♀ Hè?
♂ Stervorm... Welke bloemen hebben stervorm?
♀ Edelweiss, maar da's witter en heel veel kleiner.
♂ Ik wil gauw weer 'ns naar de Zeller See.
♀ Nee! Je beloofde me nog een keer Cyprus, Kreta of Rhodos.
♂ Ja..., Rhodos... happy island in the sun.
♀ Ja, Rhodos is zooooooo mooi..., met z'n poezen en die baai.
♂ Ja, en met al die hoge klote hotels... Kijk! Deze schapen kijken naar ons. Erpelll hierrr!
♀ Doe niet zo lelijk tegen Eppie!
 ♂ Sorry.

♂ Kijk! Hier hebben we een mooi voorbeeld van Brabants bosbeheer.
♀ Hè? Hoezo?
♂ Nou, dit bos is hartstikke kaal, omdat het bosbeheer veel te veel bomen liet timberjacken. En kijk, omdat het bos al zo kaal was, blies de storm veel bomen om... En dan heb je ook nog idioten die bomen doodringen.
♀ Doodringen?
♂ Ja, haha, woord staat vast niet in de dikke van Dale... Snap je het niet?
♀ Nee. Leg eens uit.
♂ Doodringen is in ringvorm een stuk bast rontelom van een stam verwijderen. Dan wordt de sapstroom onderbroken, kan de boom geen voedsel meer aan en gaat hij dood.
♀ Maar waarom doen ze het dan, dit doodringen?
♂ Omdat het goed is voor torretjes, vliegen en vlinders... en daardoor indirect ook voor spechten, maar zolang bosbeheer en stormen te keer gaan in de bossen, is ringen helemaal niet nodig.

♀ Kijk! Hier hebben de boswerkers blikjes achter gelaten.
♂ Nee, deze rotzooi ligt er al weken, lag er al voor de storm.
♀ Waarom dan niet opgeruimd?
♂ Sja..., omdat de bosrecreant soms viespeuk is en bosbeheer liever houteuro's beurt?
♀ Hahaha...
♂ Wrom lach je nu?
♀ Omdat je rijmde.
♂ Rijmde?
♀ Ja, ruimd - beurt.
♂ Ow...
♀ Is halfrijm toch?
♂ Nee, gewoon lekkere beurt, hahaha...
♀ Gekkerd! hahaha...

♂ Wacht... ff dooie paddo op foto zetten.
♀ Dooie paddo?
♂ Ja, kijk maar, zo mooi zwart als i is.
♀ Mooi zwart? Ik vind 'm meer zwartblauw... Net een ouwerwetse lichtschakelaar zoals wij die vroeger op de boerderij hadden. Eppieeeeeeee kommmmmmm...! Vlug! roep Eppie! Hij zit achter een ree aan!
♂ Erpullllllll hierrrrrrrrrr ***@##***!!!

Terwijl vrouw op mij mopperde, koelde Erpel zich af in ijskoud water van verboden ven. Toch, door vernielde bossen chaletwaarts gaand vertelde ze honderd uit, over weer op vakantie willen, over haar werk en over Martijn.

Bolsterturf, zaterdag 27 januari 2007

676
Bijl zwaaiende man met bij zich zwart hondje

Zondagmiddag. Ik zit op de tweezitsbank naar animal planet te kijken. Buiten, tegenover 't chalet, dik honderd meter ver, op plek waar vaak reeën staan, slaat in kille motregen een man in blauwe overall op grens van wei en bos zijn bijl met lange steel. Hij hakt in op stukken stam van tijdens storm omgewaaide en gisteren met cirkelzaag bewerkte bomen. Met kracht heft hij de bijl, schilt en klieft hij woest het hout, alsof dat zijn doodsvijand is.
Terwijl de man krachtig slaat met grote halen, telkens weer, is een zwart hondje in weimidden een konijnenpijp aan het uitdiepen. Rap werkt het zwarte beestje zich ondergronds.
Dan houdt de man op met hakken en loopt hij met geheven bijl naar het hondje wat fanatiek blijft graven. Erpel kijkt met me mee en gromt en grauwt en wil door de ruit naar buiten.
De man gaat rustig staan kijken naar het noeste graafwerk van het hondje, het lijkt wel of hij met het beestje praat, maar al vlug houdt hij het voor gezien en loopt, bijl over de linkerschouder, richting straat kleine kilometer verderop. Het hondje blijft nog graven, om dan achterna te snellen en paar keer tegen de overall op te springen. De wilde hakker van daarnet blijft staan. Hij bukt zich en aait zijn hondje over 't zwarte koppie.

Bolsterturf, zondag 28 januari 2007

677
Konijnenjacht met geweer en fret

Ik zit in chalet en kijk uit het raam. Aan overkant van wei, helemaal tegen bosrand aan, spelen twee konijntjes. Die zitten mekaar achterna, die konijntjes. Die hebben het fijn. Die spelen alsof het niet beetje motregent, maar zonnedag is in mei of zo.
Twee konijntjes in hectometer brede en kilometer lange wei. Dat zijn er echt niet te veel, maar - denk ik - misschien komen er zo wel wat meer bij. Dat zal fijn zijn, heb ik veel te kijken. En wie weet wordt het zo droog, laten de reeën zich straks ook nog zien.
Net als de zon uit witte wolken spiekt, schreeuwt een gaai alarm. Vlug rennen de konijntjes wei af, hun holletje in bosrand in. Ook kraaien en houtduiven vluchten. En dan, opeens, zijn er mannen, zijn er jagers. Ik tel er vijf, vijf jagers met hond, fret en geweren.
De kleinste jager is de fretteur. Die zet zijn fretje voor een konijnenpijp. Fretje vindt dat fijn, gaat meteen op zoek naar buit. Konijntjes hebben erge schrik voor fretten, omdat fretten konijntjes lusten. De spelende konijntjes van daarnet vluchten daarom opnieuw, halsoverkop hun hol uit, harde knallen en gloeiende hagel tegemoet.

         

Tegen donker, drie tot vier uren na de jacht, is de man van gister, de hakker in blauwe overall er weer. Die zal op zijn werk geweest zijn toen de jagers kwamen. Die gaat nog even flink hakken. Waarom? Om zijn zinnen te verzetten? Nee, zal voor stookhout zijn. Zijn zwarte hondje heeft hij weer bij zich. Dat scharrelt dapper door de wei. Graven doet het vanavond niet. Waarom zou het ook? De konijntjes waar hij gister naar groef zijn immers dood of ziek geschoten.

Alsof er aan bosrand niet gehakt wordt, alsof er geen zwart hondje bestaat en alsof het vanmiddag nooit knalde, buitelen kool-, pimpel-, kuif-, staart- en zwarte mezen in avondschemer, aan beetje nog maar met zaadjesvet omhulde denneappel. Toch, zowel groene als bonte specht laten zich bij zoveel concurrentie van man in blauw toch maar liever niet zien.

Bolsterturf, maandag 29 januari 2007

678
Een dag lang vechten met m'n website

Een dag lang vechten met m'n website. Ik had daar vandaag geen moeite mee. Ja, ik had een super klote dag. Gevochten met mijn website dus, heel de buiten somber natte dag die me binnen toch vlug voorbij ging. Van 's morgens negen tot 's avonds negen prutste en klooide ik. Alle lege pagina's moesten eruit, uit mijn website. En ook de indeling en volgorde van nogal wat virtuele bladzijdes dienden min of meer veranderd. Bovendien zou ik hier en daar de nummering van items veranderen.
Uiteindelijk is me alles wat ik wilde bereiken gelukt, maar er ging het nodige mis met hyperlinks en met link bar properties en zo. Dat kon gebeuren, omdat ik in plaats van wat kopieerde tamelijk wat wiste. Nogal wat wiste dus! En wat dat wat allemaal was, dat wist ik na het wissen dus niet meer.
Vlug veiligheidskopie van cd-rom terug gezet en opnieuw begonnen. Nee, twee keer de kopie van gister terug moeten zetten. De eerste keer om kwart voor elf; de tweede keer even na tweeën.
Gelooft u mij gerust: ik ben volkomen ongeschikt voor computerwerk.  Ja, ben ik echt niet geschikt voor, voor computerwerk niet. Voorbeeldje: toen ik tegen zessen meende klaar te zijn met deze site, was ik zomaar opeens de maand maart 2005 kwijt. Dat werd dus die derde maand van dat jaar voor de derde keer terug halen van de cd-rom. Gelukkig telt in mijn dagboek maart 2005 geen eenendertig maar maar acht dagen. Had ik nog flink geluk mee, want handmatig hyperlinks herstellen is super saai en dom werk. Nog beroerder arbeid? Het met Microsoft Frontpage 2003 handmatig je als gevolg van dom prutsen zwaar zieke website link bar - Bols bar in dit geval - opnieuw met al je website pages vullen. (Ik begeef me nu, na gedane arbeid en voordat ik verder type, haha, naar rommelhok en kast, gun mezelf een liter rooi Kaaps genoegen.)

Gelukkig vond ik tussen 't website klooien door wel de tijd om drie keer met Erpel langs de prikkeldraad te gaan. Vandaag was het lekker mensenstil en -rustig langs de draad. Geen jagers en geen houthakker te bekennen. Nergens niet. Gelukkig maar! Maar reeën en konijnen zag ik ook niet. Wel waren er de meesjes en vinkjes. En, zo mooi! er vloog een vrolijk hard lachende groene specht rond. Haha, dacht ik, jij groen rotzakkie met rooi nekkie, blij en vrij in 't hout, lach je me uit? Wacht maar! jij komt samen met je wijfje komende lente heel mooi op de foto. En dit is, om maar 'ns een knoeperd van 'n cliché te gebruiken, geen bedreiging maar een belofte.

Bolsterturf, dinsdag 30 januari 2007

679
Paradox van een ongelovige?

Mooie, friszonnige januarimiddag over hei, weiden, akkers en bleke bossen. Vluchten blauwe duiven *roesten in top van kale eiken, tegen lichter blauwe lucht met witte en grauwe wolken. En achter alsof trollenhol in voet van dikste eik luieren twee bruine Schotse hooglandkalveren, een licht- en een donkerbruin. Ze kennen Erpel en ze kennen mij, blijven daarom rustig herkauwen.

Half uur voorbij de hooglandkalfjes staakt Erpel in grasgreppel het volgen van een spoor, gaat hij er even bij zitten, snuift hij de lucht. Heeft hij ree in de neus? Nee, zal een vos zijn?! Even na het lucht opsnuiven zit hij achter een haas aan. Ik schreeuw éénmaal: "Erpulll truggg!!"

Dan lopen we - Ep en ik - door perceel flink beschadigd bos. Hier ringde een bomendoodringer - milieumalloot! -  een mooie eik. Daar trof een dikke beuk hetzelfde lot. En daar, kleine dertig meter pad toe, beschadigde een timberjack drie berken. Zwamschimmeldraden vonden de berkwonden. Eik en beuk kunnen geen voedsel meer aan. En de berkenzwammen moorden nu zo goed. Twee stammen droogden in; drie stammen werden week en rot. Deze eik, beuk en berken kon de storm niet aan. Toch zijn ze aan het doodgaan.

Zo kaal dit bleke bos. Duizenden bomen moesten van bosbeheer vorig jaar, en ook dit jaar, gecirkelzaagd en getimberjackt. Daardoor werden de bossen te kaal, de al vele open plekken te open en te groot, blies de storm van achttien januari er ook nog eens dikke duizend om. Deze laatste storm: een zegen voor het bosbeheer, lijkt het wel. In nauwelijks veertien dagen tijd liet bosbeheer alle omgewaaide bomen in stukken zagen. De honderden stapels hout mogen vast niet lang blijven liggen, zullen binnenkort wel met lawaaiige machinerie uit het bos worden gereden.

Het stuk stam waar Fox tegenaan zit, ligt er al paar jaar. Dit restant van machtige eik werd door boswerkers nooit opgehaald. Ach, bosbeheer en bosarbeiders komen alleen maar in de bossen als er bomen, nog overeind staande of door storm omgeblazen of afgebroken, getimberjackt of gecirkelzaagd kunnen worden. Ach, de hoge heren van het Kempisch bosbeheer, zo te zien aan de overal kale bossen zijn zij echte centenzagers. Allemaal!

Leuker dan verblijf in kapotte bossen is toeven aan venoevers. Een paartje brilduikertjes is aan het vissen in diep verboden ven. Zij hebben dit ven helemaal voor zich alleen. Ze vissen op hun gemakje, zijn zo anders dan de wilde eenden die met meer dan duizend dobberen, kwaken en ruziën op het grootst verboden ven. Er zitten ook wintertalinkjes tussen de wilde eenden. Die kunnen goed fluiten, die talinkjes, veel beter en meer melodieus dan ik.

Rontelom de verboden vennen mogen ook dit jaar Schotse hooglanders tussen stroomdraden verblijven. Zij zorgen ervoor dat zeldzame plantenvegetatie geen kans krijgt minder zeldzaam te worden. Zowat alles lusten ze, deze Schotten, zowat alles, alleen bomen, zwammen, niet lekker mos, oude hei en het lang taaie, hard gele gras laten ze staan. Vind ik niet erg. Rankende helmbloem in overvloed en lelietjes-der-dalen en liefdesblauwe gentianen weet ik straks in lente en zomer elders toch wel te vinden.

De mooi ruige runderen, ze liggen vanmiddag in de zon. Op hun gemakje zijn ze armzalig groen aan 't herkauwen. Terwijl Erpeltje op kleine honderd meter achter wat hoge hei af moet blijven liggen, onzichtbaar voor dit mooi - wat betreft hun toekomst helemaal onwetend - slachtvee, fotografeer ik ze.

Zo alleen met Erpeltje en dit vee, zo zielsgelukkig alleen in bos en hei en aan venoever denk ik vaak aan God en tijd en dood en leven, wat denken is dat me nooit vrolijk stemt. Paradox van een ongelovige?

Mijn Erpeltje, hij is, denk ik, weet ik, gelukkig, maar nu ff ontevree en ongeduldig. Toch blijft hij braaf liggen tot ik hem roep, achter aangewezen heipol in gele sprietenzee.
"Erpel kommm!" Een bont hondje rent na kwartier wachten door hei en sprieten, springt tegen me op en jankt van blijdschap. Het leven, zijn leven, mijn leven, zo mooi in bos en hei en bunt, ook bij winterdag.

Op paar maand geleden door boer egaal gewalste akker kan je lezen wat er zoal in bos en hei verblijft. Met zekerheid herken ik voetafdrukjes van reeën, vossen, katten, bunzing of hermelijn, hazen en konijnen. Ook die van reigers, meeuwen en kraaien. Reeprenten overheersen, terwijl konijnenvoetjes alleen in akkerkanten zijn afgedrukt. En dan zijn er natuurlijk ook nog lomp grote mensenvoeten alsmede afdrukken van hondenpootjes.

Op rand van bos, hei en wei is het druk met ganzen in de lucht. Met soms honderden tegelijk komen ze aangezet, om gezellig saampjes de nacht door te gaan brengen in groene winterwei. Helaas, geen tijd meer over om lang naar ganzen te kijken.

Chalet toe gaand door hoge bomenlaan kijk ik recht in ondergaande zon. En zo lopend over het midden van eenzaam pad luister ik naar 't rontelomme. Gewoon te veel geluiden: een hofhond bast in allenigheid. Een paartje kraaien krast naar mekaar. Eindje weg schettert een ekster. Een dichtbije gaai scheldt Erpel rot. Boven en naast de zon die groot en rood en geel in verre einder hangt gakken ganzen, onophoudelijk. En, ergens tussen mij en linkerbomenrij roffelt een specht de mij zo lieve winterstilte niet in 't minst - niet in 't minst? hahah! wèg mooi pakkend slot! - stuk.

*roestende duiven = rustende duiven

Bolsterturf, woensdag 31 januari 2007

index januari 2007
0649 maandag 01-01-07 Met Nieuwjaar vanuit chalet honderd meter verre bosrandrikken onder klote prikkeldraad op foto
0649a maandag 01-01-07 Kerstboom verhuisd van chaletkamer naar chalettuin
0650 dinsdag 02-01-07 Kwartiertje regenrakken in natuurparkbosselke
0651 woensdag 03-01-07 Moordenaar of moordenaars? Havik en/of sperwer?
0652 donderdag 04-01-07 Zachte winter, natte winter, klote winter
0653 vrijdag 05-01-07 Erpel ontbijt dood gereden haas
0654 zaterdag 06-01-07 Bolleke in nood
0655 zondag 07-01-07 Reeën en vogels vanuit chalet
0656 maandag 08-01-07 Klaar met pissen gaan we vlug weer naar binnen en naar bed
0656a maandag 08-01-07 Na schemerrikke knippen in 't laatste daglicht even nog met Erpel eruit
0657 dinsdag 09-01-07 Voor 't werken gaan nog even langs de draad
0658 woensdag 10-01-07 Port in bed: zo lekker
0659 donderdag 11-01-07 Erpel vreet in storm en regen hazepoot
0660 vrijdag 12-01-07 In winter- alsof lentewind
0661 zaterdag 13-01-07 Januariboswandeling in alsof lentezaterdagmiddag
0662 zondag 14-01-07 Erpel rakt en rolt en graaft en vecht en zwemt en snoept
0663 maandag 15-01-07 Tweebenige konijnenjagers in driehoekje recreatiebos
0664 dinsdag 16-01-07 Waar gisteren jagers fretteerden, vindt Erpel een dood konijn
0665 woensdag 17-01-07 Vrouw komt zo thuis en vanavond als ik werken ga zal ik misschien me te veel mensen zien
0666 donderdag 18-01-07 Storm over Nederland en ik op weg
0667 vrijdag 19-01-07 Er zijn dagen die te kort zijn. Chalet de avond en nacht na de storm
0668 zaterdag 20-01-07 Omgewaaid vogelvoederhuisje overeind gezet, vlinderstruiken herplant en nestkastjes aan schuurwand geschroefd
0669 zondag 21-01-07 Toch wat gedaan vandaag
0670 maandag 22-01-07 Gebroken mooiste boom, en alsof blauw water in gewoonlijk oerig bruin slootje
0671 dinsdag 23-01-07 Ongezonde gezonde bomenkap rontelom januaristorm
0672 woensdag 24-01-07 Op de purperen hei, zomerse foto's en zomerse zang
0672a woensdag 24-01-07 Vanuit warme woonkamer vogeltjes in en rond vogelvoederhuisje
0673 donderdag 25-01-07 VHS, myxomatose en fretje vast
0674 vrijdag 26-01-07 Ik ken geit noch man, zag hen nooit eerder
0675 zaterdag 27-01-07 Omdat de bosrecreant soms viespeuk is en bosbeheer liever houteuro's beurt?
0676 zondag 28-01-07 Bijl zwaaiende man met bij zich zwart hondje
0677 maandag 29-01-07 Konijnenjacht met geweer en fret
0678 dinsdag 30-01-07 Een dag lang vechten met m'n website
0679 woensdag 31-01-07 Paradox van een ongelovige?


Bolsterturf © bolsterturf.nl

IntroHoofdpaginaInhoudsopgaveNatuurdagboekRecentVideoHoogzitten en jachthuttenMuziekGedichtenOver bolsterturf en Bolsterturf
Stukjes tekst, video's en foto's van bos, hei en waterkant; over grasduinen en struinen in natuur en veld, over zon en wind en buiten zijn
<<<<<<<<<<<<<< Home >>>>>>>>>>>>>>