|
Bolsterturfs natuur B o l s t e r t u r f s n a t u u r Dagboek april 2008
1105
Waar maart met behaag'lijke zonnewarmte afscheid nam, regende het vandaag pijpenstelen. Pas tegen avond werd het droog, liep ik gauw met Erpel deur uit om tussen wei en bos in padberm te gaan posten. Fijn uit de wind en met rug tegen dikke eik wou ik wachten op een vos en op zesender bastbok, zwangere moeder Rikke en haar twee kids van vorig jaar. Die zou ik allemaal op foto zetten, van heel dichtbij. Erpel mocht stilletjes achter me in mos en wilde grassen muizen vangen. Maar onverwacht kwam er een wandelaar in blauwe overall voorbij, lange man die ik al kende, man zo'n twintig jaren jonger dan ik. Deze man begon een gesprek met me dat drie kwartier moest duren. Pas kwart over zeven taaide hij weer af. En toen begon het te miezeren en kwam er tot donkerte alleen maar 'n haas even kijken op het pad. Bolsterturf, dinsdag 1 april 2008
1106
Op weg naar m'n werk zette ik, vanuit pinda - mijn auto - op Provinciale weg, reeën, kieviten, kraaien en ganzen voor Bleke boskant op vijf foto's - niet op iedere foto dezelfde vogels. Maar allemaal maakte ik verre plaatjes in vluggigheid, zonder statief en tegen donkerte in. Op deze foto de nog in winterdos reeën en een grauwe gans.
Bolsterturf
1107
In stille avond laveiden vier reeën in wei, maar ik was te onvoorzichtig toen ik ze besloop: ik trapte op een knappende tak. Een bok het verste van me weg hoorde niet het knappen. Toen hij opkeek van 't laveien zag hij zijn allenigheid, verliet hij langzamer dan de andere reeën de wei.
Bolsterturf
1108
Toen ik met Erpel , mijn lieve foxevriend, tegen schemer langs Bleke boskant ging, floot een wulp, buitelden kievithaantjes en vluchtten voor een boer - op de foto ziet u deze boer met zijn gezicht afgewend van hoogzit naar Erpel en mij kijken - drie reeën pijpestrootjesdekking in. Ja! de boer joeg de reeën van de wei. Ik vraag me af: waarom gunt hij het reewild niet 'n paar duizend grassprieten van de steeds weer aangroeiende miljoenen groene sprieten die hij bezit? Nou ja, beter een gierige boer in de wei dan een jager op een hoogzit.
Bolsterturf
1109
Ik deed een middagdut toen vrouw vanuit de kamer riep: "Ik zie een ree!"
Tijdens namiddagwandeling met vrouw en Erpel zat de
op 't Blekebosseneilandjeven broedende Canadese gans
op haar nest, nog altijd trouw bewaakt al
Ook tegen donker was het vandaag droog tussen de buien door
Bolsterturf
1110
De reeën hebben de lente in hun koppies. Vanavond telde ik er dertien, maar dertien reeën waarvan zes zowel op gifgrond als in hoogzitzicht. Ik zag reeën tegen boskant aan. En ik zag reeën die voor Erpel en mij of voor ander volk al dan niet met ook hond bij zich van wei wegvluchtten. Dat ik dertien reeën telde bewijst niet dat waar ik fiets en struin er teveel reeën zitten! Dat er te veel zijn beweren boeren en jagers.
Mijn dertien reeën van vanavond zag ik in meer dan duizend bunders bos, akker en wei.
Wanneer Staatsbosbeheer en stichtingen als Stichting Het Noordbrabants Landschap in plaats van jagers en jachthutten - jagers willen altijd doden - toe te laten op hun gronden, in ons aller bos en veld nu eens akkertjes met koren, bieten, aardappels, topinamboer enz. gaan creëren, en ook weitjes met voor konijnen, hazen, reeën, fazanten, patrijzen, kwartels, korhoenders enz. lekkere grassen en (on)kruiden gaan aanleggen, dan zal de wild- en vogelstand en ook de predatorstand (bijv. vos, bunzing, hermelijn, kiekendief, havik en sperwer) gaan floreren. De moderne landbouw van nu, die gul is met vergif! en die voor alle wild dodelijke machinerie gebruikt, zal zeker ook wel de vossenstand laag houden. Onder meer vossen komen in maïskneuzers terecht, en jonge dieren worden door snelle maaimachines de pootjes afgemaaid. Regenwormen en ander klein grut eten vergif, de kleine beestje gaan vervolgens dood aan dit gif, wat grotere dieren zoals muizen (vossen eten heel veel muizen) eten de aan 't gif doodgegane kleinere beestjes op, predatoren als de vos consumeren op hun beurt weer deze ook aan 't gif doodgegane grotere beestjes ... tot ze zelf ook het loodje leggen. En het snelverkeer houdt zeker wel mede ook de vossen- en reeënstand laag. Waarom heren politici en ambtenaren kunnen er niet heel veel meer verharde jakkerbanen door natuurgebieden afgesloten voor snelverkeer dat er niets te zoeken heeft, dat alleen maar dieren dood- en kreupel rijdt? Alle volwassen Nederlanders kunnen toch fietsen? Aan boeren en aanwonenden kan altijd een sleutel van een afsluitpaal verstrekt. Mij werd en wordt nogal eens wat verweten door jagers. Ik kan het ook niet helpen. Een verschil tussen jagers en mij is nu eenmaal dit: wanneer een jager een ree of een ander dier doodschiet, kan u of ik het daarna nooit meer zien of op foto zetten; wanneer ik een dier op foto zet, kunnen jagers, natuurliefhebbers, en tuurlijk ook ikzelf, het vaker zien of fotograferen. Om kort te gaan: ik ben tegen onnodig dierenleed, dus ook tegen plezierjacht veelal heel bedotterig beheersjacht genoemd. Altijd verkeerd om dieren voor je plezier, voor de lol dood of ongelukkig te schieten! Weidelijkheid* is een illusie! Wel acht ik het juist dat bij echt onnodig lijden van een dier dit lijden wordt bestreden. Dat bestrijden van dierenleed met geweer en buks dan wel graag via een veel grotere en betere controle door overheid, dierenbescherming en andere echt diervriendelijke organisaties. Een vereniging als de Koninklijke Nederlandse Jagers Vereniging (KNJV) vind ik echt geen diervriendelijke club.
Na ons reeën kijken gingen Erpel en ik nog naar "ons" ondiep eilandjeven. Zo mooi daar! Zo mooi dit vennetje! Ik zag daarin vandaag een witte wolk, wolk die ik ook zag in de lucht. En toen in 't west bijna de zon al was ondergegaan, holde schuin voor mij en Erpel een viersprongetje reewild Providentia-weide af. * Weidelijkheid. Weidelijk. On line woordenboek Van Dale zegt: "Weidelijk = Jacht in overeenstemming met het gebruik bij het jagen." Nietszeggend woord dus, dit weidelijk. Jagers bedoelen met weidelijk goed en fatsoenlijk jagen, moreel en ethisch goed en fatsoenlijk jagen. Maar is voor het genot, voor de lol hagelkorrels en kogels in en door dieren schieten niet altijd immoreel?
Bolsterturf
1111
Eindelijk zag ik weer eens een vosje. Heel even zag ik het. Het was een vosje in de verte, vosje daar op muizenjacht. Het sprong omhoog zoals mijn Erpel dat ook doet als die aan het muizen is. Ik richtte mijn camera op het beestje en knipte het: foto mislukt want vosje holde toen net pad af.
Een schapenboer, man met wie ik onlangs poos praatte, over zijn schapen en over wild en vogels, wees tijdens het gesprek naar achter zich, naar de Bleke bossen en sprak: "Als je dat bos daar uitkamt, komen er zeker veertig vossen uit."
Vanmiddag, lentekoude middag bij volop zonlicht, bestudeerde ik door 7x50 en door telescoop 20 tot 60x twee rikken en een bokje in hoogzitschootsveld op Blekebossenwei. Erpel en ik verstopten ons in wilgenbosje. De reeën vernamen Erpel en mij niet. Ep kreeg reelucht in zijn neus. Hij genoot daarvan, maar het maakte hem wat onrustig. Toen hij achter de drie wou gaan rakken, verbood ik hem dat.
In welche soll ich mich verlieben, De vogelzang is dit voorjaar echt wel miniem. En Erpel vond drie dode eekhoorns. Dat de vogels zo stilletjes zijn en er eekhoorns doodgaan, daarvan geef ik regen en kou de schuld. Maar op het eilandje in 't ondiep Blekebossenven broedt "mijn" Canadagans. En nu hoop ik dat havik en vos - zo goed als u malse kip lust lusten vos en havik jonge gans - dit jaar geen trek in gansjes hebben. Bolsterturf, maandag 7 april 2008
1112 Vergiftigd met jachthutten en Staatsbosbeheer Vrouws auto is voor grote beurt naar de Opelgarage. Die bracht ik gisteren al weg. En daarom mocht ik vanmorgen al vroeg haar in m'n pinda naar dochter en Martijn toe rijden. Helemaal geen ramp, want onderweg spotte ik in wei bij Geldropse weg en Rederijklaan te Geldrop twee rikken en een bok. Op mijn alleen met Erpel terugweg uit Eindhoven, parkeerde ik bij natuurgebiedje 't Sang in Lierop-Mierlo. Daarin zag en hoorde ik vanmorgen geen reeën, geen vossen en geen hazen. Ook vond ik er geen konijnen, geen fazanten, geen ganzen, geen eenden en geen draaihals. En er zong maar 1 vinkenman van si si si sies-ke-wiet. 't Waren alleen muizen, wat kieviten, wat kraaien, wat gaaien, een merelman, een roodborst en 'n paar blauwe duiven die Ep en ik begroetten. O dit Lierops- en Mierlo's Sang - het Sang of 't Sang! Dit is een voor het oog prachtig oerig Brabants broekbosgebiedje met onlandjes. Ook om zijn bijenparadijs van opa Imker is het prachtig. Echt wel zonde dat Staatsbosbeheer in de jongste januari een punhoop van dit des imkers paradijsje maakte. Vorig jaar nog toefden minstens vijftien reeën en vijf vossen in dit Sang, dit Mierlo's en Lierops Sang omsloten door boerenweitjes en akkertjes, voor vos en ree allemaal leef- en eetruimte lief kleinschalig. O dit Lierops- en Mierlo's Sang - het Sang of 't Sang! Dit Sang zo vergiftigd met jachthutten en Staatsbosbeheer. Staatsbosbeheer bedierf onder meer de nu modderpaden. En jagers - dappere gewapende mannen - zaten en zitten en zullen zitten in en op de hoge zitten. Soms zag ik er eentje, een jager, zitten toen ik van veraf gluurde door kijker en telescoop. Zijn buks zag ik dan ook. De kogel uit een kogelbuks gaat wel twee kilometer ver! En vaak vond ik een off-the-road-car geparkeerd. Die auto stond nooit ver van hoge zit. Minder vaak hoorde ik een schot. Ik ben nou ook weer niet alle dagen twaalf uren in het veld. Vanmorgen dus geen vossen en geen reeën in het Sang. Ook geen hazen. Zelfs Erpel kon geen wild vinden! En mag ik waar jagers reeën drie- tot tiendubbel tellen er eentje missen? Ik kan nu eenmaal niet alle reeën tellen! Wel kan ik er dertien missen waar er dertien waren! O dit Lierops- en Mierlo's Sang - het Sang of 't Sang! Vanmorgen miste ik er niet alleen de hazen, reeën en vossen. Ook vossenstrontjes, hazenkeutels en reeboonsel kon ik er niet meer vinden. En nergens een reerustplaats. En ook vond ik hier geen dit voorjaar door 't vegen van bastgeweitje blank gepoetst stammetjes van jong boompje. Zelfs nergens een vers belopen reewissel.
Rikke female roe
Rikke female roe
. She paid attention better than me, saw me before I saw her. In spite of that she did not move when all at once I looked into her eyes. As if a graceful statue, she waited for camera click. Then she swung around, disappeared into the green ferruginous Lierop singing marshes.
Rikke
. Zij lette op. Zij zag mij eerder dan ik haar. Toch, alsof elegant standbeeld, toen ik opeens in haar ogen keek bleef zij staan. Pas op cameraklik draaide ze zich om. Snel en sierlijk verdween ze, het groen Lierops Sangmoer in. Zal ik haar nog 'ns zien? donderdag, 7 juni 2007
Inmiddels is het me duidelijk. Ik zal Rikke, my happy female roe, nooit meer zien. Zij kreeg - bijna honderd procent zeker weten - van een dapper jager een kogel in haar lijf, hals of koppie. Droef naar pinda teruggegaan en verder richting Someren getuft, waren er in het al wat late morgenuur v oorbij Lierop binnendoor twee reeën. Die kwamen weide af, draafden bos in. En pinda weer uit, wees voorbij een dikke en vieze laag stront door boer op wei geblubberd, in schootsveld van op palen jachthut, Erpel me reerustplaatsen aan en ook wel tien door reebok toegetakelde stammetjes. Er zijn ook jagers die niet zoveel mogelijk wild dood wilden knallen.Zelfs tussen geen jachthutten maar oefenhonken van nabije politiehondenvereniging rustten de reeën. Zo weinig ruimte over in ons Nederlandje! Zelfs hondenafrichters lopen het reewild in de weg. Zo jammer dat alleen de reeën daar last van hebben. Paar kilometer meer chalet toe pikte één henfazant in kale bruine akker. Weer wat verder huistoe huppelde een haas in wei. Van waar Erpel en ik stonden, liet paar honderd meter voorbij dit haas een man zijn honden uit in wei en boskant. Over dit laatste wil ik niets zeggen, hoewel ik er moeite mee heb wanneer honden in de lente - de lente met zijn nieuw leven: haasjes! konijntjes! reetjes! - door het veld jakkeren. Maar z o min als een man met camera doodt een man met spelende honden wild. En met elkaar spelende honden doden ook niet. De moderne landbouw met zijn schaalvergroting, vergif en helse machinerie is grote boosdoener wilddoder. Grootste boosdoener wilddoder acht ik het Nederlandse jagersgilde met zijn hagelgeweren, kogelbuksen en jachthutten.
Bolsterturf
1112a
In de herfst verhuisde ik vrouws maggiplant uit terraspalissadebak naar chaletvoortuin. En nu in koude lente deed die zijn best om groot en groen te groeien. Maar ''onze'' wilde konijnen vraten elke nacht de jonge scheutjes op. Daarom verzette ik vandaag de maggi maar weer naar palissadebak.
Bolsterturf
1112b Mag ik voorstellen? De familie Zevensprong
19.13 uur
19.30uur
19.55 uur 20.05 uur
Bolsterturf
1113
Het is voorjaar! Het is lente! In lentetijd willen de reeën zich laten zien, willen die genieten van de eerste en laatste zonnestralen van de dag. Zo reed ik vandaag met reeën in de weiden werktoe. Eerst was daar een zwangere geit die me niet vertrouwde. Toen ze me zag, omdat ik pinda uit trapte op een dorre tak, kroop ze meteen onder prikkeldraad door het bos in. Kwartiertje na haar spotte ik vanaf parallelweg langs snelweg, bij benzinestation Oeijenbraak, een driesprongetje op onkruid ex-maïsakker. En tien minuten na deze drie waren er vier voor mij verwegge reeën die laveiden voor berkenbosje voor Lierops motorcrossbaanbos. Ook deze laatste reeën kwamen vanuit m'n pinda op de foto.
Bolsterturf
1114
Gedurende mijn woon-werkverkeer (en tuurlijk dus ook tussen mijn werk-woonverkeer) kijk ik altijd uit naar wild en vogels.
Bolsterturf
1115
Tussen werk en huis net als gisteravond nergens reeën, ook niet in het Lierops Sangmoer waar ik extra oplettend naar ze uitkeek. In parkeerde mijn pinda en liep over door Staatsbosbeheer finaal naar de kloten gereden puinmodderpad dit moeras- en broekbosgebiedje in waarin ik nauwelijks een teken van levend reewild vond. Wel lag er nog overduidelijk de door Erpel op 9 februari gevonden toen al dode rikke: wat huid, wat haar, wat botten en twee achterpootjes met de hoefjes er nog aan.
Bolsterturf
1115a
Zij is mooi en hoogzwanger en zij staat in een wei, zomaar in vroegavond als ik werktoe rij. Zij staat onbeweeglijk. Ze staart naar mijn zwarte pinda. Ziet zij me zitten achter 't stuur? Of ziet ze alleen de auto? Ik parkeerde die in berm van de asfaltweg tussen ''heur'' bos en ''heur'' wei. Ook nog onbeweeglijk staat zij als ik heur door pindaruit op foto zet en fluister: mooie bijna moeder Rikke, naar u te mogen kijken vind ik fijn.
Bolsterturf
1116
"Dom" driesprongetje reewild laveide in hoogzitzicht, En weer zag ik de deze lente donkergrijze bok van pad De Lange Bleek. En toen ik tegen Strabhei aan keek naar grauwe ganzen
Bolsterturf
1117
Bolsterturf
1118
Hoezo zijn de Bleke bossen bleek? Ze zijn bleek omdat ze gesitueerd zijn op grondgebied van De Lange Bleek. En ze werden bleker toen na timberjacks en cirkelzagen er miljoenen lange en gele pijpe Martijn helpt in tuin, waarna tortelduif ruzie maakt met houtduif Terug uit de bossen met Martijn van anderhalf, - hij sliep de hele middag -, uurtje in de tuin gewerkt. Ook samen met hem vogelzaad gezaaid over het gazon. Toen hij en ik daarna weer binnen waren en hij door de ruiten naar buiten keek, wees hij met zijn linkerhandje en zei hij "vo-gel". En toen zagen ook vrouw en ik hoe een tortel- met een dikke houtduif ruzie maakte. De tortel won, die joeg de houtduif weg. ''Oo oo oo", vond Martijn daarvan.
Bolsterturf
1119
Dinsdagmiddag, doordeweekse dag, maar vrouw en ik allebei thuis. En ook Erpel en de kater thuis. Opeens slaat Erpel aan. Woest springt hij tegen de voorruit. Dan zien ook vrouw en ik de reebok tegen boskant aan. Nog geen minuut blijft die daar. Zowat meteen sprint bokmans het bos in. Maar Erpel blijft tekeer gaan. En dan pas zien vrouw en ik waarom hij zich zo druk maakt. Het is niet het ree om wie hij blaft, want wie komt daaraan? Het is Erpels kleine vijand. Die vond of ving een konijn. Trots draaft hij ermee huistoe. En wie zijn vrouw en ik om onze veel grotere Erpel hem het konijn af te laten pakken? Anders dan Erpel gunnen wij dit felle donderstraaltje zijn konijn.
Haas rent over weiden en zwarte Blekebossen-akker
Erpel en ik zijn weer eens bij 't avondpad, maar rusten even uit. Wachtend bij op vogels na lege weiden en akkers is daar ineens een ver rennend haas. Het rent in halve boog over weiden en zwarte akkers bleek bos toe. Om de honderd meter ongeveer gaat het even zitten om zijn omgeving te verkennen. Dan rent het weer verder, en dan is het weg en zijn alle akkers en weiden weer ree-, vos-, konijn- en haasleeg. Ook door mijn 7 x 50 kijker leeg. Door ruigte reeën bijna onbereikbaar voor cameralens Weer verder onderweg met Erpel spot ik over strookje verwilderde bosaanplant heen drie reeën in wei. Vanwege de ruigte en de boompjes kan ik met m'n camera deze reeën nauwelijks bereiken. Dat is niet erg. Ep en ik laten deze reeën gerust en gaan gewoon verder naar nog verder verderop. Reeën kunnen niet lezen
Waar ik hem niet verwachtte, staat aan eind van pad een reebok pad in te kijken. Het lijkt wel of hij probeert om een groen met witte letters bordje te begrijpen, wat de tekst erop betreft onzin bordje van de beheerders van De Lange Bleek. Overheid en grondbezitters verzinnen wat onzinnigheid om op bordjes te kalken. Niet zo erg vind ik. Men verzuimt immers om na te gaan of wel wordt nageleefd wat op de bordjes allemaal wordt verboden en geboden. Reegeit met geweitje? En dan zijn daar vijf minuten later drie reeën in wei waarop in en tegen schemer bijna altijd reeën toeven. Is die ene een reegeit met geweitje? Nee, het is gezichtsbedrog, wishful thinking of me too. Haar geweitje is streepjes oorrand alsof geweistangetjes dun en donker afgetekend. Wat halfdode berken achter de reeën zijn er niet minder mooi wit om.
Bolsterturf
1120
Waar het vorig jaar om deze tijd bloedheet weer was, wil het deze maand april nog niet beetje zomeren. Toch tussen drie uur en halfvijf met vrouw en hond een wandeling gemaakt door de Bleke bossen. Daarin geen ree of vos gespot, maar de boer die veertig vossen ziet waar er hooguit vier vossen toeven bracht uit bruine aanhanger gekoppeld aan zijn witte personenauto wat schapen in verwachting schapenweide in. Vrouw en ik keken ernaar, hoe hij de schapen uit de aanhanger tilde en hoe die zichtbaar blij de wei in gingen.
Bolsterturf
1121
Ook vanmorgen kwam na mijn werknacht de morgen, vanmorgen een lentemorgen zonder regen. En in deze lentemorgen reed ik weer eens van werk naar chalet. De rit van huis of chalet naar werk vind ik erger. Hoeveel keren al naar 't werk? Hoeveel keren nog naar 't werk? Nee, 'k heb geen zin om dat uit te tellen. Chalet gekomen ging ik niet naar binnen, maakte ik voor Erpel de buitendeur open. En toen zag ik tien mins later drie verre ranke reeën midden in boerenwei. Ik aarzelde niet, maakte meteen een foto, één foto maar van deze reeën tegen achtergrond van lichtblauw bos. Eén foto maar maakte ik, want ook de reeën draalden niet. Die renden voor Erpel en mij over de zonbeschenen wei. Te vlug naar mijn zin doken ze dun zonbeschenen maar toch ook best wel blauw bos in.
Bolsterturf
1122
Toen ik met Erpel in de bossen was, zag vrouw een vos: "... En het was een grote vos. Hij kwam onder de sparretjes van Alex vandaan en rende hard de wei over." Bolsterturf, vrijdag 18 april 2008
1123
Soms heb ik wel 'ns wat niet te vieren, lukt me wat niet, krijg ik iets wat ik graag voor mekaar wil krijgen echt niet voor mekaar. Toch probeer ik dan om mijn zin te krijgen, de dingen naar mijn hand te zetten, worstel ik nacht en nanacht door, drink daarbij bier en wijn en vind geen bed.
Ook als ik koppijn heb dient Erpeltje uitgelaten. Om even voor half acht bikete ik met hem aan de rechtertrapper de vijf minuten biken cq rennen Bleke bossen toe. Met zere zatte kop door stille bossen biken dient goedgevonden door klote overheid en bosbeheer. Hooguit overrij ik daarin wat slakken, wormen en rupsen. Dit laatste mag ik trouwens best van aan begin van paden aan palen domme groene bordjes met witte letters. En gelukkig hield koude noordoostwind me wakker. (Liever dan de wind had ik Ann Breen of vogelkoren horen zingen.)
Bolsterturf
1123a Haas, Schotse hooglandse en reeën in motregen Regen, ook motregen, vind ik fijn. Regen houdt mensen en honden uit de bossen. Ook houdt hij, de regen dus, mensen en honden van de paden tussen bos en wei. Maar regen is niet goed voor moeders Rikke en hun kalfjes. De gespikkelde reetjes worden NU geboren, nu in april- en meilentetijd. Nee, regen is echt niet goed voor reekalfjes. Als die voor 't eerst hun oogjes open doen, zien ze - zo hoop ik voor ze -, hun moeders spenen in warme zonneschijn over fris lichtgroen van lorken en berken.
Omdat het zo lekker motte kon ik vanavond, zaterdagavond, weekendavond, twee reebokken en een jonge rikke, een smalree, in alle rust in wei Drie andere reeën, helemaal in 't noordoosten van de Bleke bossen, - in maar een kwartier bike ik en rent Erpel in lengterichting door het louter bosdeel van de Bleke bossen -, zagen Eppie en mij wel. Ach, het was de wind die hem en mij verried. Maar zo mooi! deze ranke reeën in volle ren op weg naar mimicry beschutting van pijpestrootjeswoud. En toen was kwartier later er opeens een haas. Dat huppelde wat over pad door vroeger ven. Jammer, vind ik, dat het de bossen inging, niet op Erpel en mij wilde toehuppelen. Erpel loensde naar de zwartgepunte langoor, likte zijn lippen, maar mocht er niet achteraan. Hij is inmiddels vos-, haas-, ree- en konijnrein. Hij rakt alleen nog maar na goedvinden van mij. Ach, heel soms, wanneer een dier vlak voor hem rijst, vergist hij zich en sprint, om dan op eerste fluit of roep terug te komen. Na het haas spotte ik vanaf bike, en ook met bike aan de hand, naar meer wild. Een paartje reeën in weihoek had het voordeel van de wind. Dat kreeg verwaaiing, dat rende wei af toen Erpel en ik eraan kwamen. Maar halve kilometer verderop kwamen een reebok en rikke in echt wel natte miezerregen keurig op wazige foto. Beetje beweging bij boom aan weikant bleek dichterbij gekomen geen ree maar een Schots hooglandkalf. Schotse hooglanders, mooie runderen! dat zeker wel. Alleen zo jammer dat ze àlle planten en bloemen, ook bij voorbeeld blauwe gentianen, wègvreten. Met deze Schotten op de heideveldjes blijft de hei een hei van pijpestro, hei en wilde grassen.
En toen waren er in schemerbegin weer de drie rikken, moeder en dochters, die wonen rontelom Providentia. Ze gedroegen zich naar mijn smaak ook vanavond niet schuw genoeg. Ze bleven in de wei toen ik over de prikkeldraad stapte en op ze toeliep. Ze zorgden er alleen maar voor dat de afstand tussen hen en mij zo'n meter of vijftig, veertig, dertig bleef.
Bolsterturf
1124
Drie Bleke bossen reeën zag ik rusten. Vier Bleke bossen reeën renden. De drie reeën lagen in boerenwei. Eén van hen had Erpel en mij langs boskant zien aankomen. Dit ree kwam overeind, ging naar ons staan turen. Dat meer dan vijf minuten lang. Erpel en ik bewogen nauwelijks nog. Voor het zowat onbeweeglijk duo Ep-ik op dikke honderd meter afstand waren de reeën niet zo bang. En ook voor een kudde tamme paarden hadden ze geen schrik. Maar toen een vierde ree voorbij ze rende, renden ze met dit ree mee. En toen pas zag ik ook de over zijn boerenpad aankomende boer. Voorbij een paartje flikflooiende Canadaganzen renden de reeën de van pijpestrootjes bleke Bleke bossen in.
Bolsterturf
1125
De mooie en warme lente. Eindelijk is zij dan toch gekomen. Nu is het lief weer. Ik zie het tere lichte groen van berken en lorken. En ik zie het geel van paardebloemen in donkergroene wei. Jonge konijntjes zijn er een heleboel. Die huppelen al een maand. Jonge haasjes kwam ik nog niet tegen. Hazen zijn er weinig dit jaar. Toch zullen ook kindervuistkleine haasjes er ongetwijfeld wel zijn. En ik weet dat er hier waar ik onderkominkje heb minstens één jong reetje tot nu toe deze lente al werd geboren: een rikke die Erpel en ik vanmorgen eventjes spotten is echt wel veel dunner dan week terug. Lente. Lieve lente. Zo mooi! Ja, zo mooi de Bleke bossen lente! Zo mooi allemaal! Zo mooi ook de vier jonge eendjes in diepe en donkere sloot. Voor hen kwam het mooie mugjesweer net op tijd. Maar een klote grel groenkoppige geile woerd verveelt hun moeder. Die woerd wil seks met haar. Nota bene waar haar pulletjes bij zijn. Het zijn echt niet alleen mensenmannen die geen fatsoen en moraal hebben. Ik gooi een stok naar de woerd en stuur Erpel op hem af. Laag over het ondiep water van de diepe sloot gaat de groenkop er vandoor. En dan zitten even verderop door mijn verrekijker twee hazen in verre wei elkaar achterna, haalt het achterste haas in, nee, klimt het op het voorste. Ja, de lentetijd, tijd van liefde en jong leven. Ook de tijd van reeën kijken in de weiden. Hier een allene bok. Daar een zwangere rikke met haar smalreeën van vorige lente. Twee bokken, zeker weten allebei gek op lekkere geit, achtervolgen elkaar. Een flieft reepaar laveit zij aan zij in ochtendrood aan rand van bosaanplant.
Bolsterturf
1125a
Toen ik met Erpel eventjes deur uit was om reeën te gaan kijken, draafde een vos voorbij chalet: "... Het was de vos van vorige week vrijdag," zei vrouw tegen me, "maar nu liep hij in drafje over 't paadje langs de prikkeldraad. ..."
Bolsterturf
1126
Reintje en Reininneke Vos, ze wilden niet komen. Geen van beiden niet. Ik bleef extra voor ze thuis, ging vanavond vrije avond eens niet met Erpel reeën kijken. Ik wachtte met koffie en camera bij de hand op hem of haar. Zou heel fijn zijn als ze allebei wilden komen. Maar zij zal dikke buik hebben. Of misschien hebben ze al jonkies. Vanmiddag mocht Erpel al met me mee naar bos, hei, akker, wei en ven. Het was toen winderig mooi zonnig weer. Niet erg wat wind. Wat wind zal 't nu onstuimig lentegroenen van boom en struik niet remmen. Naast lorken en berken pronken inmiddels ook de stoere beuken met lief zachtgroene blaadjes. Maar op de akkers spotte ik niks dan boeren op tractoren en in de weiden nergens een ree. Wel floot er een wulp, sies-ke-wietten vinken en joeg een havik dennendekking in. En wel liepen in veel weiden paarden, pinken en schapen. Ach, voor vee hebben Erpel en ik nauwelijks belangstelling. Ging ik bij nergens reeën maar twee uurtjes op m'n rug liggen in paardebloemen gele wei terwijl Erpel op me paste. En toen ik daar zo lag en wolken en Eppies koppie zag, ook dacht aan God, geloof en mensen, kwamen er gedichten glimlachen, soms spoken, in mijn hoofd.
Bolsterturf
1127
In mijn tijdgebrek, - alle dagen zijn me te kort, zelf werknachten gaan me te vlug voorbij -, liep een jonge vrouw in korte rode jas en met zwart hondje bij zich in bijna nog donkerte voor Erpel en mij uit, bos en weiden toe. Toen maakte ik maar omweg, sloeg ik de wei waarlangs zij ging over, zag ik omdat ik toch de verkeerde kant opkeek te laat een vos die bospad overstak. De vrouw voorbij maakte ik met Erpel drie keer 't zelfde rondje langs boskanten, spotte ik een reebok in pijpestrootjes. Maar zo mooi! ook plots in weihoek drie reeën in ochtendzon. En daarna een Canadese gent en zijn broedend wijfje in ven en venspiegel. Boven hen een houtduif die baltsvlucht oefende. Maar toen ronkte en ratelte een boer op tractor de stilte stuk. Hij lawaaide drie reeën voor Providentia-torens langs de Bleke bossen in.
Bolsterturf
1128
Regen. Lenteregen. Lenteregen in avondschemer. Lenteregen ook op de binnenwegen naar het werk. Paardenogen in de plassen. En ineens zie ik een rikke in deze regen. Zij laveit op boers groen. Zij ziet niet dat ik rem en m'n pinda wei in stuur. Minuut later is er ook een bok. Maar wanneer ik op de claxon duw, zijn er drie reeën. Het derde ree staat in boskant. Zij toont mij echter alleen haar rug en kont. Zij komt niet mooi op foto. De camera kan haar vanuit pinda niet goed bereiken. Bovendien wordt van een arme loonslaaf verwacht dat hij op tijd op zijn werk is.
Huistoe van het werk maakte ik in Lierop foto van doodgespoten groen. Vervolgens reed ik langzaam door 't Lierops Sang. In dit Sang geen reeën. Zelfs door de veldkijker 10 x 50 waren die wildleeg. Ik zag er alleen maar een paar kieviten op. Dit wildlege van de weiden wijt ik aan jagers op twee benen, aan dappere mannen die vanaf hoge zitten reewild en vossen, en wie zal het zeggen ook hazen en patrijzen, van weiden en onlandjes schieten. Maar zeker weten zal een jonge reebok dit Broekbossangmoer weten te vinden. Hij zal er wel naar toe moeten als hij door een oudere en sterkere bok elders werd weggejaagd van de rikken en smalreeën. En waar er 1 ree is gekomen, daar komen er meer. Kunnen de dappere mannen met de kogelbuksen vanaf de vele kansels in dit mooie gebiedje goeddeels beheerd door Staatsbosbeheer volgend jaar weer Sangmoerreewild gaan doodknallen. Bolsterturf, woensdagavond 23 april en donderdagmorgen 24 april 2008
1129
Werktoe geen reeën in Gebergten en 't Sang. Wel vond ik nog eens terug wat overbleef van een rikke die een kogel door de rug kreeg. Huistoe niks in 't Sang. Wel in Gebergten een reepaar, een licht van dos rikke en een donker van dos bok. Werktoe nabij camping halfweg mijn plezier om bok en rikke in groene wei, maar ook mijn ergernis om door boer doodgespoten Helmonds groen.
Bolsterturf
1130 Een zonloze maar gouden gansjes Blekebossenochtend
Sorry beste lezers, ik raakte nogal achterop met typen in deze website. En nu wil ik niet Martijn, niet het reewild, niet het vosje dat op z'n kont op bospad zat, maar wel een droeve gent en zijn gansje en hun zeven er de volgende dag niet meer zijn kuikentjes vergeten, ... maar vergeten is zo makkelijk niet.
Bolsterturf
1131
Net uit bed kijk ik door kamerruit. Buiten snoept op 't nu alle dagen groener wordend gazon tussen forsere blauwe houtduiven een ook goeddeels blauwe holenduif. Zo mooi! Alle duiven in de buurt - houtduiven, holenduiven, tortelduiven, veldvluchters - komen snoepen, niet allemaal tegelijk natuurlijk, van door vrouw en mij met regelmaat uitgestrooide vogelzaadjes. Vlug maak ik vanuit kamer foto van de kleine duif en dan ben ik al met Erpel Bleke bossen toe.
Heel nieuwsgierig naar de jonge Canadagansjes van gisteren tijgen Erpel en ik in vroegste doch gulle lentezon allereerst naar het ondiep eilandjeven. Waar het toen bewolkt was, wil ik deze ochtend gouden gansjes mooi op foto zetten. Alsof zij er niet staan gaan Ep en ik voorbij drietalletje ons bekende reeën. En dan ligt kwartier van chalet vandaan het Blekebosseneilandjeven al voor ons. Er is geen golfslag, zijn water is stil vanmorgen. Slechts op één plek kreeg de wind vat. Daar rimpelt het water lief uitnodigend. Maar Eppie en ik gaan niet zwemmen, want de gansjes! Een nog wat bleke zon staat voor ons. Deze zon rijst laag aan de hemel en daalt diep in 't water. Op het rauwe roepen van onzichtbaar op het eilandje Nijlganzen na heerst stilte rontelom. Maar dan zie ik hem staan, man Canadagans. Deze grote en sterke gent, hij staat bij het nest waarin de zeven jonkies van hem en zijn wijfje uit de eieren kropen. Gisteren bleek dat nest gekraakt door paartje Nijlganzen. Maar wat is dit?? De gent stapt van het eilandje. Hij laat zich vallen in het ven. Hij zwemt op mij en Erpel toe. Ineens is daar ook zijn gansje. Dat zwemt hem achterna. Hun zeven kuikentjes volgen niet. Waar zijn de ganzenkuikentjes gebleven? Wie roofde ze? Ik weet dat echt niet.
Jonge vrouw met stevige benen en billen onder kort rood jasje wandelt Wanneer ik half uur na de ganzen met mijn 20 x 50-kijker over akkers en weiden spied, vergeet ik subiet alle ganzenleed, ook de er niet meer zijn kuikentjes. Daar lopen zomaar weer de jonge vrouw met vaak rode jas aan en haar zwarte hondje door de vroege dreven. Vanmorgen heeft zij lekker zichtbaar stevige blanke blote benen en dito billen. Ach, ik ben een harde man. Zomaar een mooie jonge vrouw kan mij makkelijk niet op foto gezet jong vogelleven doen vergeten.
Martijn in Providentiaspeeltuin En dan zijn daar thuisgekomen vrouw en Martijn, ga ik met hen en Erpel na koffie en koek en zo lief uit wandelen naar Providentia-speeltuintje, ben ik ondanks mijn soms ontevreden, boos of droef zijn toch weer blij en tevree.
Bolsterturf
1132
Mijn foxje Erpel wou vanmorgen niet met me mee naar de Bleke bossen, want Martijntje logeert bij zijn opa en oma. Martijntje weet waar de koekjestrommel staat. En hij kan die trommel openen. O, Martijntje lust graag koekjes. En Martijntje voert aan Erpel koekjes. Ook met brood en hondenbrokjes één voor één stopt Martijntje Erpel vol. Erpel is daarom dol op liefstout Martijntje. Maar misschien voelde Erpel ook wel aan dat er heel veel regen komen zou. Per bike onderweg naar de Bleke bossen en ommelanden genoot ik gulle zonsopkomst onder donkere wolken. Maar naar zuid en west toe was de lucht echt wel donkerder nog, stikkedonker, stikkedonkerblauw, bij zwart af zo stikkedonkerblauw. Toen het was begonnen met regenen, en de zon verduisterd door grijze en donkerblauwe luchten, het ook bliksemde en donderde, keek ik naar zes reeën. Deze reeën laveiden midden in boerenwei, ver van paden en boskanten. Reeën zijn niet dom. Ze weten dat bij daglicht over boskantpaden vaak mensen gaan. Dus verhuisden deze reeën naar bijna weimidden. In honderden bunders wei allenig haas rende tussen de reeën door. Dit haas maakte dat die wat onrustig werden. Ze gingen nog wat meer van boskant weg laveien. Na dit haas en deze reeën spotte ik drie reeën in bleke pijpestrootjeszee. Ze stonden daarin naar me te staren, toen ik dom zeiknat over smal paadje bikete. Maar in het ondiep eilandjeven kwaakten groene kikkers. Op dit eilandje wil nu een paartje Nijlganzen gaan broeden. Ook hun kuikentjes - de zeven kuikens van pa en ma canadagans zijn alweer meer dan een dag dood! - zullen teloorgaan, nooit vliegvlug groeien. Immers, van het eilandje naar ronde wallekant is het zo ongeveer vijftig meter peddelen. Vijftig meter zwemmen in open water zonder weelderige begroeiing van riet, biezen en andere waterplanten is voor kuikens en pullen link, immers predatoren als bosuil en havik hebben goede ogen, ook scherpe snavels en klauwen. Weer chalet terug keek ik met koffie en Martijntje naar vinken, groenlingen en groene specht in regendag. ... maar dan weer zonneschijn: eindelijk Thomas MartijnLaat in namiddag hield de regen op, werd het eindelijk droog. Net voordat ik in vroegavond met Martijntje, vrouw en Erpel uit wandelen zou, belde Martijns moeder: "Martijn heeft een broertje, hij heet Thomas." En toen weer chalet gekomen Martijntje heel lief was gaan slapen, mocht Erpel nog met me mee, gingen hij en ik saampjes nog wat reeën kijken. Bolsterturf maandag, 28 april 2008
1133
Maart en april: lentetijd met reeën in weiden en op akkers. In vroegmorgen begluurden Erpel en ik een allene bok in noordelijke Bleke bossenweihoek. Paar honderd meter verderop laveide een vijfsprongetje reeën. Maar waar ik half uur later bij zwarte akker meer reewild in wei verwachtte, kroop een grote witte vloektent langzaam achter groene tractor. Op de tractor een boer. In en achter de tent arbeiders en arbeidsters die rookten en plantjes pootten. Wat voor plantjes? Weer zoiets raars en onbekends als het leikleurig worteltjesgewas onlangs na gif strooien over deze akker geoogst? Ga ik echt niet vragen aan deze boer. Hij bezit een hoge zit aan rand van weide, hij gunt het wild geen gras en hij wuifde nooit terug als ik te voet of vanaf bike hem groette.
Bolsterturf
1133a
Mag ik voorstellen? Thomas! broertje van Martijn en ruim acht pond toen hij na tweeënveertig weken pas komen wou.
Bolsterturf
1133b
Je kan niet altijd alles typen wat je ziet en hoort. Zoiets kan je beter maar niet doen in het drukke Nederlandje van kanseljachtheren, van machtige werkgevers en van vrome christen Balkenende en handlangers. Hier bij ons in de regering zitten, bij voorbeeld, de dames en heren van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en ook die van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer te ouwebetten of te vechten met de heren en dames van onze Volksvertegenwoordiging. Soms hebben ze het over een tè veel aan reeën en vossen in tè veel tè kale bossen. Dit alles terwijl er alleen maar tè veel auto's en tè veel mensen in tè klein gebiedje op tè weinig wegen rijden en in tè weinig huizen wonen. Hoe oerstom en immoreel moet je zijn om zo te kunnen, zo te durven regeren en volksvertegenwoordigen? Kijk! het is gewoon zo: Nederland is nog niet vol, welnee, bij ons in Nederland is het alleen maar druk. Tè druk vind ik met wijlen vermoorde volksmenner Pim Fortuyn, man van wie ik niks weten wou omdat zijn toentertijd partij geen of nauwelijks oog had voor de rechten van de allochtone mens en het autochtone dier. Kijk! het is gewoon zo: het waren niet Jan Werk en Mien Werk-Huissloof die zo'n veertig jaar terug de eerste allochtone mensen naar ons landje haalden om die in stinkfabrieken te laten werken. Welnee, dat laten komen van belabberd betaalde gastarbeiders was het smerige werk van toentertijdse regering en rijke-almaar-rijker-willen-worden fabrikanten. Ik geef de Nederlandse regeringen en rijke industrieëlen er de schuld van dat er nu allochtonen in witte tenten achter tractoren van autochtone boeren over kilometers lange zwarte akkers kruipen. Veel liever zag ik vandaag alleen maar autochtone Nederlandse boer, desnoods ook zijn zonen, met zaaibak voor de borst over kleinschalige akkertjes zeulen. En dan boers koeien niet heel het jaar op stal, maar zolang het niet wintert in groene wei en op onkruidakker. Wel ook graag een onderkomentje, een schuilhutje tegen regen en wind voor alle vee verplicht stellen, geachte dames en heren almaar-graag-willen-vergaderen-leden-van-regering-en-volkvertegenwoordiging. Niet alleen vanmorgen, maar ook vanmiddag in voormiddag en vanavond in vooravond was ik in het veld. Deze keren zonder Erpel. Die mocht met vrouw mee. Ergens koekjes eten of zo. Daarin, in het veld dus, zag ik onder meer een man met verrekijker, - een man van IVN of KNNV? - op zijn fiets met grote fietstassen. En ook zag ik onder meer vinken, reeën, roodborstjes, boeren op tractoren, kraaien, kieviten, hoogzitten, 1 haas en wat stront- en zeikcontainers. Dit alles onder meer dus. Vooral de stront en zeikcontainers boordevol stront en zeik, stront en zeik om uit te waaieren over, dan wel om te injecteren in vogeleitjes en jonge haasjes, vielen me op. Waar van overheid en boeren geen vee in wei moet weiden, schijt en zeikt het vee in bioschuren of op stal. Dat zeiken en schijten doet dit vee dus ook in lente, herfst en zomer op stal, veelal in lichtarme bioschuren. De boeren mogen alle zeik en stront zelf naar wei en akker brengen. Ach, echt wel gewoon tèveel om te vertellen wat ik daarin, in het veld dus, in bos, hei en wei en langs de waterkant, vandaag in gesprek met een andere man allemaal hoorde en verhaalde. Hij en ik hadden het onder meer over macht en invloed, over geld, over ethiek en moraal, over wetgeving, wildbeheer, weidelijkheid, jacht, jagen en jagers. Ook over jachthonden en jachthutten hadden we het, over gewoon tèveel dus om hier allemaal aan u te verhalen, laat staan op te sommen. Maar ''Pas op!" zei deze man tegen me, "je website is niet anoniem, en een slimme vos belt vanuit fooncel..., jaagt ook ver van huis."
Bolsterturf
1134
K oninginnedag vandaag. Heb ik niks mee, met koningin en koninginnedag niet. Ik gun onze koningin Beatrix het leven, dat zeker wel, maar zou liever zelf heur tig miljoentjesinkomen beuren. Bovendien vond en vind ik d'r niet in het minst sexy, onze koningin dus niet. Maar Claus, haar helaas veel te vroeg overleden man, was zeker weten sympathieke kerel. Ook met Bea's zoons en schoondochters heb ik niks, hoewel de kleinkids best leuk en lief ogen. Gelukkig maar kunnen die met geen mogelijkheid stouter zijn dan mijn Martijntje. En dan te bedenken dat Bea's vader, onze wijlen prins gemaal en opa Bernhard, dolveel hield van Lockheed, vreemde vrouwen, konijntjes en olifanten, terwijl hij het daarnaast reuzefijn vond om herten en wilde zwijnen dood te knallen. Kleinzoon Willem-Alexander van Oranje-Nassou, onze toekomstig koning gehuwd met Argentijnse vrouw wier vaders reputatie flink twijfelachtig is, acht ik niet beter dan zijn grootvader Bernhard. Ja, onze toekomstig koning houdt er van om in omrasterde jachtvelden kogels door en in wilde zwijnen te schieten. Ook vindt hij het met loden hagel volproppen van vogels reuze fijn. Om dit laatste doden te doen mocht hij van zijn vrouw zelfs op patrijzenjacht in Portugal.
Bolsterturf
1134a
Een domme man rijdt ook op koninginnedag naar zijn werk. Doet hij dat voor koningin en vaderland? Welnee! Tuurlijk niet! Hij gaat werken voor zijn eigen weelde, voor zijn eigen mooier en liever dan koningin lieve vrouw en ook voor de eigen kleinkids. Nou ja, via loonbelasting en zo, - die hij betalen moèt! - werkt hij ook voor koningin en zo. Echt wel stelletje overtollige opmakers daar in dat paleis, denkt hij. Beetje sjaggie, omdat hij 't domme werken wat hij niet laten wil haten kan, stuurt hij zijn autootje, - waarom toch rijden zijn kids en vrouwlief dikker auto? - over verhard bospad. Maar dan glimlacht hij en stuurt flink remmend berm in. Hij zag ze staan: een moeder Rikke en haar kind smalree vorig jaar rond deze tijd geboren. De ranke reeën, ook de moeder ondanks zwanger zijn rank en slank, laveien in winderige overgang van april naar mei, ook op grens van zon en schaduw.
Bolsterturf
index april 2008
|